Het mooiste aan Bitcoin is misschien wel dat niemand weet wie het heeft uitgevonden. Toch blijft één naam boven komen drijven: Adam Back, de Britse cryptograaf wiens werk als blauwdruk diende voor wat later Bitcoin zou worden.
Tijdens Bitcoin Amsterdam 2025 spraken we hem over zijn cypherpunk-jaren, de geboorte van Hashcash, zijn eerste contact met Satoshi Nakamoto en de toekomst van Bitcoin in een wereld waar Wall Street steeds dieper binnendringt.
Van PGP naar Hashcash
Begin jaren negentig rolt Back de wereld van digitale privacy in wanneer hij PGP ontdekt. Dit is een softwaretool waarmee je e-mails en bestanden kunt versleutelen, zodat alleen de bedoelde ontvanger ze kan lezen.
“Ik raakte oorspronkelijk geïnteresseerd in PGP… het had een interessante combinatie van zelfsoevereiniteit en het vergroten van het effect van het individu.”
Die fascinatie leidt hem naar de cypherpunks, een groep die experimenteert met technologie om burgers meer macht te geven. Back bouwt remailers die berichten volledig anoniem doorsturen. Dat werkt, maar trekt ook een golf van spam aan. Omdat blokkeren onmogelijk is, werd hij gedwongen om er “op een andere manier over na denken”.
Uit dat probleem ontstaat in 1997 Hashcash: een systeem waarbij verzenders een kleine rekenpuzzel moeten oplossen. Zo ontstaat “een kostprijs voor de afzender”, waardoor massaspam te duur wordt.
In dezelfde periode worstelt de cypherpunk-beweging met een groter vraagstuk: hoe bouw je digitaal geld dat niet instort zodra één bedrijf valt? DigiCash, het Nederlandse project van David Chaum, bewijst hoe kwetsbaar centralisatie is. Innovatief, extreem privé, maar volledig afhankelijk van één bedrijf.
Hashcash krijgt daardoor een bredere betekenis. “Toen ik Hashcash publiceerde, werd het een bouwblok dat gebruikt werd door alle latere ideeën, waaronder B-Money van Weidai, Bit Gold van Nick Szabo, RPOW van Hal Finney en uiteindelijk Bitcoin ook,’’ zo vertelt Back.
Door die invloedrijke rol werd Back al vroeg genoemd als mogelijke Satoshi. Zijn werk lag rechtstreeks onder Bitcoin’s fundamenten en hij bewoog zich in dezelfde cypherpunk-kringen als de andere grondleggers van digitaal geld. Ook het contact met Satoshi in 2008 wakkerde de speculatie aan. Back heeft die theorie echter altijd ontkend en er is nooit enig overtuigend bewijs gevonden.
Het idee van HashCash is simpel: als je rekenwerk kunt inzetten tegen spam, kun je het ook inzetten om digitale waarde te beschermen. Hashcash voegt iets belangrijks toe aan proof-of-work (het consensusmechanisme waar het Bitcoin-netwerk op draait): toeval. Iedereen speelt hetzelfde spel, maar wie wint hangt af van kans én rekenkracht. Dat houdt systemen eerlijk en gedecentraliseerd.
Het moment dat Satoshi aanklopte
In 2008 ploft een onverwachte e-mail binnen bij Back:
“Ik kreeg de eerste e-mail van Satoshi, die me een concept van de whitepaper stuurde. Dat was augustus 2008, en hij vroeg naar de correcte manier om Hashcash te citeren. Dus ik wisselde wat e-mails met hem in 2008, en daarna werd de whitepaper algemeen vrijgegeven.”
Die whitepaper verandert alles. Voor het eerst bestaat een financieel systeem dat zonder centrale partij werkt, digitale schaarste afdwingt en veilig blijft functioneren.
Back herinnert het zich helder: “Ik vond het interessant, omdat hij misschien een aantal van de problemen had opgelost die eerdere, soortgelijke ideeën hadden tegengehouden om geïmplementeerd te worden.”
Vanaf het moment dat de koers boven de 100 dollar kroop en de marktkapitalisatie (de waarde van alle coins in omloop) de 1 miljard dollar passeerde, zag Back het omslaan van experiment naar serieus geld. Dat gebeurde in 2013.
Van betaalmiddel naar digitaal goud
Bitcoin werd door Satoshi gepresenteerd als peer-to-peer geldsysteem. Dus geen centrale partij (zoals een bank) waar je op moet vertrouwen, maar wiskunde die zekerheid afdwingt. Maar de laatste jaren is het narratief van Bitcoin als waardeopslag sterker geworden.
“Ik denk dat ze allebei onderdeel zijn geworden van de value proposition. In opkomende economieën is bitcoin nog steeds betaalmiddel. In het Westen is het vooral een spaarmiddel tegen inflatie en geldcreatie.”
Bitcoin mag dan als betaalsysteem zijn bedacht, maar het onderliggende netwerk is daar eigenlijk helemaal niet geschikt voor. Elke tien minuten komt er pas een nieuw blok bij en als het druk wordt, schieten de transactiekosten omhoog. Dat is precies waarom dagelijkse betalingen inmiddels zijn verhuisd naar tweede lagen zoals Lightning.
“Lightning is de veel populairdere laag en technologie geworden voor retailbetalingen. Het is meer schaalbaar, maar het is ook goedkoper en sneller, dus het geeft een betere ervaring voor kleine betalingen.”
Voor grote betalingen is de Bitcoin-blockchain volgens hem dan weer meer geschikt, omdat het dan niet uitmaakt als je wat langer moet wachten. Maar als je je koffie met bitcoin wil afrekenen, dan wil je het natuurlijk zo snel mogelijk afhandelen.
Back zegt dat er ‘’behoefte kan zijn’’ aan meer schalingsnetwerken. Hij vergelijkt het met het internetarchitectuur: één vertrouwde basislaag, met daarop een hele stapel protocollen.
“Met het internet heb je TCP/IP als transportlaag, maar alle andere protocollen worden erbovenop gebouwd… dus ik denk dat we dat ook bij Bitcoin mogen verwachten.”
Met de komst van de bitcoin-ETF’s (beursgenoteerde fondsen die bitcoin vasthouden en zo de koers volgen) in januari 2024 raakte Wall Street officieel betrokken. Voor veel Bitcoiners schuurt dat: een munt die begon als stille vorm van verzet tegen de financiële wereld , wordt nu massaal omarmd door de grootste financiële instellingen ter wereld.
‘s Werelds grootste vermogensbeheerder BlackRock heeft bijvoorbeeld bijna 4 procent van alle bitcoins in handen met zijn recordbrekende fonds.
Back maakt er geen punt van.
“Ik denk dat het enigszins natuurlijk is… het is een teken van succes dat het bewustzijn en de adoptie verschillende soorten gebruikers bereikt.”
De individuele gebruiker heeft 15, 16 jaar gehad om die gasten voor te zijn. Dus als je het niet leuk vindt, koop dan meer.’’
Back denkt dat overheden en centrale banken weleens de laatste grote golf van kopers kunnen worden. Maar wat hem betreft mag dat nog wel even duren.
“Ik heb geen haast dat ze het doen… het is waarschijnlijk beter voor individuen om meer tijd te hebben om bitcoin te kopen vóór de overheden, omdat zij het minder betaalbaar zullen maken.”
Voor hem is het een teken van “late-stage adoptie”.
Bitcoin wordt vaak gezien als het kleinere broertje van goud. Voor Back is bitcoin simpelweg een betere vorm van waardeopslag dan het edelmetaal. ‘’Het is digitaal, je kunt het verifiëren, je kunt het flexibeler opslaan, je kunt ermee programmeren en je kunt er schalingsnetwerken bovenop bouwen met vertrouwenminimalisatie.’’
Hij twijfelt dan ook geen seconde als we hem vragen of bitcoin ooit het voetstuk van goud kan overnemen, dat met afstand het meest waardevolle activum ter wereld is. Volgens hem is dat slechts ‘’een kwestie van tijd’’.
“Ik denk dat dat kan gebeuren binnen niet al te veel jaren, zelfs binnen twee tot vijf jaar. Het is niet zo lang geleden dat bitcoin tien keer lager stond dan nu.”
Daarbij maakt het voor hem niet uit dat goud eeuwenlang de ruggengraat van het financiële systeem is geweest.
100x stijging voor bitcoin?
Back weigert te geloven dat bitcoin zijn grootste groeifase al heeft gehad. Veel analisten denken daar anders over, en dat is logisch: naarmate de markt groeit, worden de procentuele sprongen kleiner en is er simpelweg meer kapitaal nodig om de koers in beweging te krijgen.
Back ontkent dat niet, maar wijst op iets groters: de technologiecurve. Volgens hem zitten we nu in de fase van geleidelijke adoptie, het vlakke deel van de S-curve. Daarna volgt het kantelpunt waarop massale adoptie losbarst.

“Bij veel technologiecurves krijg je een geleidelijke adoptie, en dan een inflectiepunt waarin massale adoptie plaatsvindt.”
Volgens hem komt dat kantelpunt mogelijk sneller dichterbij dan veel mensen verwachten. De instroom van institutioneel kapitaal “is nog maar net begonnen”, zegt Back, en kan de komende jaren een enorme rol spelen.
“Tien jaar geleden stond bitcoin waarschijnlijk onder de duizend dollar. We zitten nu honderd keer hoger. Kunnen we nog eens honderd keer hoger in tien jaar? Mogelijk.”
Om zijn punt te illustreren grijpt Back naar de opkomst van de mobiele telefoon.
“Toen heel weinig mensen een telefoon hadden en ze duur waren, was het niet interessant. Maar zodra een groot deel van de bevolking ze kreeg, wilde iedereen er één.”
Hetzelfde netwerkeffect ziet hij bij Bitcoin, misschien zelfs sterker. Wie eenmaal overtuigd raakt, doet niet alleen mee, maar kan ook simpelweg méér kopen. Dat creëert een vliegwiel dat de adoptiecurve verder aandrijft en de markt steeds sneller kan laten groeien.

