spot_img
HomeNIEUWSLelieveldt’s strijd voor financiële mensenrechten: waarom Bitcoin ‘dringend nodig’ is

Lelieveldt’s strijd voor financiële mensenrechten: waarom Bitcoin ‘dringend nodig’ is

Bitcoin werd in 2009 gebouwd als alternatief voor een financieel systeem dat mensen kan uitsluiten. Simon Lelieveldt zag vanuit zijn ervaring bij De Nederlandsche Bank, van binnenuit én van de andere kant van de tafel, hoe toezicht en regelgeving ontspoorden en steeds vaker leidden tot uitsluiting in plaats van bescherming. Daar heeft hij alles over verteld in een exclusief interview.

Van e-cash tot Bitonic: hoe toezicht ontspoorde bij DNB

Lelieveldt werkte al in de jaren negentig bij De Nederlandsche Bank, waar hij betrokken was bij dossiers rond e-cash, een vroege vorm van digitaal geld. Die projecten waren nog gecentraliseerd, maar brachten voor het eerst de spanning aan het licht tussen financiële innovatie, privacy en toezicht. Het was zijn eerste kennismaking met de manier waarop toezichthouders reageren op geld dat zich deels aan bestaande controlemechanismen onttrekt.

Jaren later kwam Lelieveldt opnieuw intensief met DNB in aanraking. Ditmaal niet als medewerker, maar als compliance-adviseur namens cryptobedrijven die onder toezicht van de centrale bank vielen. 

In die rol was hij verantwoordelijk voor de toepassing van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) en de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en stond hij namens marktpartijen tegenover DNB in meerdere juridische procedures. 

Juist in die dossiers botste Lelieveldt steeds harder met wat hij ziet als structurele ontsporingen in het toezicht. Volgens hem eiste DNB van cryptobedrijven, met een beroep op de Wwft, dat zij een volledige en diepgaande persoonsgegevensverzameling zouden aanleggen, terwijl daarvoor geen juridische grondslag bestond onder de AVG.

”Dat klopte niet en toen we dat uitlegden zei DNB in essentie ‘Boeit ons niet, dit is op hoog niveau besloten en anders gaat de klant zijn bedrijf maar sluiten.”

Die opstelling leidde tot een reeks rechtszaken, onder meer rond Bitcoin-beurs Bitonic. Dat bedrijf voerde en won de zaak, waarna DNB de eis volledig moest intrekken. 

Vervolgens ontstond een nieuw conflict over de toezichtskosten die DNB in rekening had gebracht. In 2023 oordeelde de Rechtbank Rotterdam dat de toezichtinterpretatie van DNB in strijd was met Europees recht en dat er geen grondslag bestond om die kosten te heffen. 

Toch weigerde de toezichthouder aanvankelijk het geld terug te betalen en volgden nieuwe procedures. Pas in 2025 bevestigde het College van Beroep opnieuw dat de toezichtrekening over 2020 volledig onterecht was. “Maar dan ben je dus vijf jaar verder,” concludeert Lelieveldt. Voor hem is het illustratief voor “hoe kapot het systeem is”.

Voor Lelieveldt maakte dit duidelijk dat individuele procedures niet voldoende waren. Hij diende nog een integriteitsklacht in bij DNB, maar ook die bracht geen verandering. “Die is op een ‘wij van WC-eend’ manier afgewimpeld.” Zijn ervaringen legde hij vast in een notitie, waarin hij beschreef dat het voor DNB verstandiger zou zijn om klachten serieus te nemen dan marktpartijen telkens naar de rechter te dwingen.

Dat inzicht vormde de directe aanleiding voor de oprichting van Human Rights in Finance

”De realiteit van dit moment is dat DNB intimiderend toezicht houdt en zich niet aan de AVG houdt. Die houding schaadt grondrechten van bedrijven en klanten van bedrijven.”

Volgens Lelieveldt was er daarom een onafhankelijke entiteit nodig.

 “En dat vergt verandering. Verandering door pers, publiciteit en als het nodig is: procedure. En dan door een entiteit die niets te vrezen heeft, dit spel al een keer meegemaakt heeft en die niet onder toezicht van DNB valt.’’

Ook in andere dossiers ligt het toezicht van de centrale bank onder vuur. Zo oordeelde de rechtbank Amsterdam recent in de Conservatrix-zaak dat DNB in 2017 “bedrog in het geding” had gepleegd door relevante informatie achter te houden bij de goedkeuring van een overdrachtsplan. 

Hoewel de beschikking niet werd herroepen, moest DNB wel documenten verstrekken. Volgens Lelieveldt laat dit zien dat het debat over de rol en werkwijze van toezichthouders breder speelt dan alleen binnen de cryptosector.

De bankrekening als breekijzer

In een recent NRC-artikel wordt beschreven hoe tientallen coffeeshops hun pinfaciliteiten dreigen te verliezen, terwijl zij binnen het geldende overheidsbeleid opereren. Niet omdat hun activiteiten illegaal zijn, maar omdat betaaldienstverleners hen classificeren als ‘hoog risico’. Het gevolg is dat ondernemers feitelijk worden afgesloten van het betalingsverkeer, zonder expliciet verbod of politiek besluit.

Volgens Lelieveldt is dat exact dezelfde dynamiek die hij al eerder bij cryptobedrijven zag. “Alle activiteit die door DNB als hoog risico wordt gekwalificeerd: Bitcoin, sekswerkers, coffeeshops, autoverkopers en dergelijke krijgt gewoon maatschappelijk geen ruimte en wordt door banken rigide ge-offboard en verboden,” zegt hij. Sectoren zijn formeel toegestaan, maar worden via private partijen praktisch onwerkbaar gemaakt.

Die praktijk raakt volgens hem direct aan fundamentele vrijheden. ”Je bent helemaal niet meer vrij, dat is het enge,” stelt Lelieveldt. ”Je kunt als bedrijf of persoon ook niet meer vrijelijk communiceren wat je wilt, want banken gebruiken monitoringsbedrijven die media in de gaten houden en dan wordt ‘bad press’ de weigeringsgrond of de off-boardingsgrond.”

Volgens hem staat daarmee niet alleen de economische vrijheid, maar ook de vrijheid van meningsuiting onder druk. ”Daarom hebben we alternatieven als cash en Bitcoin dringend nodig.”

”In de praktijk zijn het niet langer overheden, maar betaalbedrijven en banken die bepalen wie toegang heeft tot het betalingsverkeer.” Die verschuiving vindt hij zeer problematisch. ”Opsporen doet de politie en moet niet een rol zijn voor private ondernemingen die zich ten onrechte laten dwingen in een rol als stadswacht.”

Volgens Lelieveldt zouden toezichthouders hier corrigerend moeten optreden, maar gebeurt dat te weinig. Hij wijst op eerdere dossiers waarin grootschalige transactiemonitoring plaatsvond zonder wettelijke grondslag. “DNB en Autoriteit Persoonsgegevens vonden een miljarden illegaal sleepnet door banken geen probleem,” zegt hij. “Human Rights in Finance heeft het toen zélf maar uit de lucht gehaald.” Ook nu lopen er volgens hem nog procedures, omdat toezichthouders weigeren overtreders te dwingen de schade te herstellen.

Opvallend is dat deze dynamiek zelfs Human Rights in Finance zelf raakt. De stichting accepteert geen crypto om de bankrekening te behouden. “Dat is heel wrang inderdaad, maar het is ook gewoon de dagelijkse realiteit,” zegt Lelieveldt. 

Bitcoin als antwoord op sociale inclusie

Volgens Lelieveldt raakt de manier waarop overheden omgaan met crypto en andere ‘hoog-risicosectoren’ aan de kern van waarom Bitcoin ooit is ontstaan. “Bitcoin probeerde in het begin vooral een oplossing te zijn voor online betalingen,” zegt hij.

”Bitcoin is van niemand. Vanuit het cypherpunk-gedachtegoed en de open-source-filosofie werd het systeem al snel opgevat als een bedreiging voor bestaande machtsstructuren binnen banken en toezicht.’’

In de jaren daarna werd Bitcoin door steeds meer partijen omarmd, maar ook naar zich toegetrokken. ”Eerst kwamen de Winklevoss-broers en andere grootkapitalisten, die het systeem op hun manier probeerden te benutten,” zegt Lelieveldt. ”Daarna volgden snelle spelers als FTX en Binance, en uiteindelijk begon ook de Amerikaanse politiek zich ermee te bemoeien.”

Toch ziet hij Bitcoin nog altijd als een belangrijk antwoord op financiële uitsluiting. ”Bitcoin is óók een heel relevant – misschien wel het meest relevante – antwoord op sociale inclusie en vrijheid van bezit,” zegt hij. 

Omdat betalingen rechtstreeks tussen gebruikers verlopen en er geen centrale poortwachter is, kan in principe iedereen meedoen, zonder toestemming van een bank of betaaldienst.

Die belofte staat volgens Lelieveldt wel onder druk. “De grote hoeveelheid regels die er in Europa overheen wordt gestort, zorgt ervoor dat dat oorspronkelijke doel steeds verder uit beeld raakt,” waarschuwt hij. Regulering pakt volgens hem niet alleen misstanden aan, maar dreigt ook het open karakter van het systeem te beperken.

Bitcoin mag dan een decentraal netwerk zijn zonder centrale baas, maar dat betekent niet dat toezicht onmogelijk is. Toezichthouders hoeven het netwerk zelf niet te controleren.  ”Je kunt prima kijken naar de plekken waar het decentrale systeem raakt aan de echte wereld,” zegt hij. Denk aan exchanges, betaalbedrijven, bewaarpartijen of wanneer crypto wordt omgewisseld naar euro’s.

Of een systeem technisch gezien centraal of decentraal is, vindt hij daarom juridisch minder relevant. Vanuit juridisch perspectief kun je gewoon bepalen op welk punt je regels toepast en wie daarvoor verantwoordelijk is.

Volgens Lelieveldt vormen crypto en Bitcoin dan ook geen ongrijpbare bedreiging voor toezichthouders. “Via regelgeving is inmiddels vrijwel alles in de tang te nemen.” 

Zijn grootste zorg zit elders. ”Er zit nu zóveel grootkapitaal in crypto dat verschuivingen binnen bitcoin en beslissingen van landen als El Salvador en de VS echte gevolgen kunnen hebben voor het financiële systeem.”

Ook toezichthouders erkennen inmiddels dat de cryptomarkt zo groot is geworden dat zij invloed kan hebben op het bredere financiële systeem. In rapporten van de Bank for International Settlements wordt gewezen op de snelle groei van partijen als Tether en Binance en de steeds grotere handel in crypto-derivaten.

Die ontwikkeling maakt het ecosysteem volgens Lelieveldt niet stabieler. 

“Binnen die te verwachten turbulentie blijft Bitcoin in mijn ogen toch echt het originele open en inclusieve alternatief.”

LEES OOK
Bitcoin Bitcoin BTC/EUR
€0.00
24hr %:
0.0%
24hr High:
€0.00
24hr Low:
€0.00
Error loading data. Check console for details.

LAATSTE NIEUWS