Home Blog Page 4

Bitcoin is geen veilige haven, maar is ook niet gefaald

Satoshi Nakamoto creëerde met Bitcoin digitale, absolute schaarste: een concurrent voor goud en een reactie op een financieel systeem waarin geldcreatie de boventoon voert. In theorie vormen de 21 miljoen eenheden waaruit Bitcoin bestaat, en die binnen tien minuten naar de andere kant van de wereld kunnen worden verzonden, het ideale geld. In de praktijk blijkt echter dat de markt die theorie nog niet wil omarmen.

Terwijl goud profiteerde van toenemende geopolitieke onzekerheid, verloor bitcoin sinds oktober 2025 bijna 50 procent van zijn waarde. De wereld ziet in Bitcoin duidelijk nog niet de veilige haven die het wel in goud herkent.

Bitcoin is nog geen veilige haven

Op papier heeft Bitcoin alle kenmerken van een veilige haven. Het is schaars, kan over grenzen springen en bestaat onafhankelijk van het traditionele financiële systeem. Een klein deel van de markt, de puristen en maximalisten, behandelt Bitcoin ook daadwerkelijk op die manier. Het overgrote deel van de markt kijkt er echter anders naar.

Voor veel beleggers is Bitcoin nog altijd vooral een belofte. Meer te vergelijken met een technologie-aandeel van een bedrijf dat in de toekomst mogelijk een cruciale rol gaat spelen, maar die rol vandaag nog niet vervult.

Bitcoin kan uitgroeien tot een belangrijk spaarmiddel voor de wereldbevolking en tot een reserve-asset voor bedrijven en centrale banken. Voorlopig beschouwt de markt Bitcoin echter vooral als een belegging waarmee wordt gespeculeerd op die mogelijke toekomst, en niet als een financiële asset die deze rol vandaag al speelt.

In theorie kan Bitcoin een veilige haven worden, maar in de praktijk handelt de digitale munt als het tegenovergestelde.

Het bewijs zit in de grafieken

Het bewijs voor dit verhaal vinden we in de onderstaande grafiek. Daarin staat Bitcoin naast drie beursgenoteerde fondsen (ETF’s) die vooral bestaan uit toekomstgerichte bedrijven die zich nog moeten bewijzen.

  • ARKW: belegt in bedrijven rond kunstmatige intelligentie, cloud, fintech, blockchain en digitale platforms.
  • IGV: iShares Expanded Tech-Software Sector ETF) richt zich op softwarebedrijven zoals cloud-, cybersecurity- en enterprise-softwareleveranciers.
  • IPO: Renaissance IPO ETF) bevat recent naar de beurs gebrachte bedrijven.

Het kenmerk van dit soort toekomstgerichte bedrijven is dat hun koersen vooral goed presteren wanneer de risicobereidheid onder beleggers uitzonderlijk hoog is.

Bron: TradingView

Wat opvalt, is dat deze segmenten, net als Bitcoin, rond oktober 2025 een voorlopige top vormden, waarna een dalende trend inzette. Sindsdien lijkt de extreme honger naar risico uit de markt verdwenen, terwijl de bredere aandelenmarkt juist wél bleef stijgen.

Om dat contrast zichtbaar te maken, is in de grafiek ook ACWI, een wereldwijde aandelenindex, opgenomen. Die bleef ook na oktober ongestoord records breken. De conclusie is helder: niet de hele markt verzwakte, maar vooral het meest speculatieve deel ervan. Dat zegt niet alleen veel over het huidige beleggingsklimaat, maar ook over de rol van Bitcoin daarin.

Bitcoin niet fundamenteel gefaald

Op basis hiervan kunnen we vooral concluderen dat het nog te vroeg is voor een definitief oordeel over Bitcoin. Nu al stellen dat Bitcoin heeft gefaald als veilige haven is niet eerlijk, want die rol heeft het nog nooit gehad. De munt bestaat immers pas sinds 2009 en wordt eigenlijk pas sinds de introductie van de Bitcoin ETF’s in de Verenigde Staten, in januari 2024, serieuzer genomen binnen de traditionele financiële wereld.

Er is weliswaar een kleine groep puristen die Bitcoin al behandelt als het ultieme spaarmiddel, maar dat geldt nog lang niet voor de bredere markt. Zelfs bij partijen als Strategy, dat inmiddels meer dan 3 procent van alle Bitcoin bezit, kun je betogen dat zij vooral speculeren op een toekomstige wereld waarin bedrijven en mogelijk zelfs centrale banken dit voorbeeld volgen.

Bitcoin heeft vooral tijd nodig. Goud heeft duizenden jaren nodig gehad om zijn rol als ultieme veilige haven te verdienen. Staatsobligaties decennia. Zelfs de Amerikaanse dollar werd pas na de Tweede Wereldoorlog onbetwist dominant. In dat perspectief is het nauwelijks verrassend dat een monetair experiment van zeventien jaar oud nog niet automatisch als toevluchtsoord wordt gezien in tijden van stress.

Dreigt quantum Bitcoin te breken? Ontwikkelaars zetten eerste verdedigingsstap

BIP 360, een voorstel dat is bedoeld om Bitcoin voor te bereiden op toekomstige computerdreigingen, is bijgewerkt en samengevoegd in de officiële Bitcoin Improvement Proposal (BIP)‑repository op GitHub. Dat markeert een nieuwe stap in de inspanningen om het netwerk te versterken tegen opkomende cryptografische en kwantumcomputingrisico’s.

Het voorstel introduceert een nieuw type Bitcoin‑output, Pay‑to‑Merkle‑Root (P2MR) genaamd, dat is ontworpen om kwantumresistente scripttree‑functionaliteit te ondersteunen en tegelijk compatibel te blijven met de bestaande Tapscript‑infrastructuur, volgens een notitie die is ingezien door Bitcoin Magazine.

Voorstanders van BIP 360 omschrijven het voorstel als een vroege stap richting het kwantumbestendig maken van Bitcoin op protocolniveau.

Het samenvoegen in de BIP‑repository betekent geen goedkeuring en ook geen toekomstige activatie. BIP’s worden samengevoegd als onderdeel van het open proces om mogelijke upgrades te documenteren of te bespreken.

Bitcoin loopt in theorie risico door quantumcomputing

Quantumcomputing heeft in de cryptografie en de cybersecurity tot zorgen geleid, omdat voldoende geavanceerde machines mogelijk wijdverbreide cryptografische systemen kunnen kraken. In het geval van Bitcoin draait de dreiging om de mogelijkheid dat computers privésleutels kunnen afleiden uit blootgestelde publieke sleutels, wat tot gestolen tegoeden kan leiden.

Hoewel alle Bitcoin-adressen kwetsbaar worden zodra het uitgeven een publieke sleutel onthult, brengen sommige outputtypen een groter risico met zich mee.

Taproot-adressen, evenals Pay-to-Public-Key- (P2PK-)outputs en hergebruikte adressen, worden als kwetsbaarder beschouwd omdat publieke sleutels on-chain zichtbaar zijn.

P2MR lijkt in concept op Taproot, maar haalt een belangrijke zwakke plek weg. Taproot bevat een key-path-uitgavemethode die publieke sleutels kan blootleggen. Het voorgestelde P2MR-outputtype schakelt die key-path-uitgave uit en legt alleen de script-path vast, waardoor het aanvalsoppervlak wordt verkleind.

Volgens de auteurs van de BIP is het voorstel bedoeld als fundament voor latere upgrades die post-quantum-handtekeningsschema’s in Bitcoin kunnen introduceren via daaropvolgende soft forks. In de toelichting worden algoritmen zoals ML-DSA (Dilithium) en SLH-DSA (SPHINCS+) genoemd als mogelijke kandidaten.

”Uiteindelijk zijn de introductie van BIP 360 en P2MR een eerste stap in een grotere reeks voorstellen voor quantumresistentie die nodig zullen zijn om Bitcoin quantumbestendig te maken,” zei co-auteur Hunter Beast, Bitcoin-ontwikkelaar en senior protocol engineer bij MARA.

Beast voegde daaraan toe dat het team ook voorstellen onderzoekt om kwetsbare coins aan te pakken die waarschijnlijk niet meer zullen bewegen, waaronder al lang slapende tegoeden.

De nieuwste update voegt Isabel Foxen Duke toe als coauteur naast Beast en cryptografieonderzoeker Ethan Heilman.

Duke, specialist in technische communicatie, zei dat het doel was het voorstel begrijpelijk te maken voor meer mensen dan alleen de ontwikkelaarsgemeenschap.

”Gezien de gevoeligheid van het onderwerp wilden we ervoor zorgen dat de BIP zo was geschreven dat die duidelijk en begrijpelijk was voor het grote publiek,” zei Duke.

Het voorstel komt op een moment dat overheden en grote technologiebedrijven meer investeren in post-kwantumcryptografie.

Het CNSA 2.0-raamwerk van de Amerikaanse National Security Agency schrijft voor dat systemen tegen kwantumaanvallen in 2030 gereed moeten zijn, terwijl het National Institute of Standards and Technology van plan is elliptische-curvecryptografie in federale systemen in de loop van de jaren dertig geleidelijk uit te faseren.

Voorstanders stellen dat BIP 360 bitcoin in lijn brengt met een bredere verschuiving naar kwantumveilige beveiligingsstandaarden, waardoor het netwerk beter in staat is zich aan te passen naarmate de rekenkracht toeneemt.

De Week In Bitcoin: Week 7

De volatiliteit van vorige week is nog niet uitgewerkt. Bitcoin handelt rond de €56.000 en zoekt naar een bodem, terwijl toezichthouders in heel Europa hun MiCA-plannen aanscherpen. Met de deadline van 1 juli 2026 in zicht worden de contouren van het nieuwe Europese cryptolandschap steeds duidelijker — en niet overal even soepel.

MetricWaarde
Dieptepunt€54.914 (donderdag 12 feb)
Hoogtepunt€61.136 (zondag 8 feb)
Weekverlies-6,24%
Daling vanaf ATH-48,2% (t.o.v. ATH €107.662 → €55.814,8)

Omdat er al genoeg hetzelfde nieuws bericht wordt, stelt Bitcoin Magazine Nederland vanaf nu iedere week een overzicht op van lokaal en nationaal Europees Bitcoin-nieuws dat niet of weinig de landsgrenzen passeert – maar toch belangrijk (of vermakelijk) is.

🇳🇱 Nederland: Belasting op bitcoin gaat op de schop — experts kritisch

Bitcoin Magazine Nederland | 11 februari 2026

De Tweede Kamer heeft ingestemd met de Wet werkelijk rendement box 3, die vanaf 2028 ingaat. Cryptohouders krijgen te maken met een vermogensaanwasbelasting: jaarlijks 36% over de werkelijke waardestijging, ook zonder verkoop. Bij een verdubbeling van de koers wordt dus niet 6% (zoals nu het geval is met een fictief rendement), maar 100% belast. Experts zijn kritisch; fiscalisten wijzen op belasting over inflatie. De wet moet vóór 15 maart 2026 door de Eerste Kamer (anders €2,4 mrd tekort in 2028).

Bitcoin Magazine NL
 

🇧🇪 Duitsland:  BaFin constateert “ernstige tekortkomingen” bij Bitpanda

Süddeutsche Zeitung | SZ Plus, Exclusief

Volgens interne documenten die de SZ heeft ingezien, heeft BaFin forse tekortkomingen en risico’s geconstateerd bij Bitpanda — de Oostenrijkse cryptobroker die veel Duitse klanten bedient. Het bedrijf stelt dat de problemen inmiddels zijn opgelost, maar SZ meldt dat er intern onenigheid over bestaat. (Betaalmuur)

Süddeutsche Zeitung

🇦🇹 Oostenrijk: Rechtszaak rond bitcoin-beheer van start in Klagenfurt

ORF Kärnten | februari 2026

Bij de Landesgericht Klagenfurt is een strafzaak begonnen rond vermeende cryptofraude. Het OM stelt dat een 29-jarige man zich voordeed als “crypto-expert” en bitcoins van cliënten in bewaring nam of zou verhandelen, maar het geld voor zichzelf hield. De tenlastelegging noemt ~20 gedupeerden en een totale schade van circa €500.000. Een LKA-expert is aanwezig om de technische claims te beoordelen.

ORF Kärnten

🇧🇬 Bulgarije: KFN wees helft van cryptovergunning-aanvragen af

Darik Business Review | februari 2026

De Bulgaarse toezichthouder (KFN) heeft vier van de acht aanvragen afgewezen. Na 1 juli 2026 wordt “ongereguleerde activiteit juridisch onmogelijk” — wat kan leiden tot gedwongen sluiting, afwikkeling van cliëntposities of overdracht van vermogen. Zeer relevant voor cryptodienstverleners die onder MiCA moeten gaan vallen.

Darik Business Review (BG)

🇫🇷 Frankrijk: Ledger-medeoprichter eist “voorbeeldstraffen” na golf van ontvoeringen

Cryptoast | 10 februari 2026

Éric Larchevêque (medeoprichter Ledger) roept de Franse rechterlijke macht op om crypto-gerelateerde ontvoeringen als zware georganiseerde misdaad te behandelen. Hij stelt dat afschrikking nu essentieel is, gezien de toenemende geweldsincidenten tegen cryptobezitters in Frankrijk.

Cryptoast

🇬🇷 Griekenland: Fiscus “erkent” crypto-opbrengsten niet voor tekmiria

Business Daily Greece | februari 2026

Een belastingplichtige geeft €3,14 miljoen aan crypto-opbrengsten aan met volledige documentatie, maar het belastingstelsel behandelt crypto zo onduidelijk dat dit bedrag niet automatisch wordt geaccepteerd als inkomen om de tekmiria (veronderstelde levenskosten) te verantwoorden. Resultaat: naheffingen en boetes ondanks de aangifte. Een voorbeeld van hoe MiCA-regelgeving kan samengaan met gebrekkige nationale fiscale behandeling.

Business Daily Greece

🇮🇹 Italië: Nieuw cryptosegment van start op Borsa Italiana

We Wealth | 9 februari 2026

Sinds 9 februari is er in Milaan een apart beurssegment actief voor beursgenoteerde producten gekoppeld aan crypto (waaronder bitcoin). CoinShares kondigde de notering aan van ETP’s op bitcoin, ETH en SOL. Het segment is uitsluitend toegankelijk voor professionele beleggers en valt onder MiFID-regels.

We Wealth

🇸🇪 Zweden: Cryptobeurs Bybit wordt naamsponsor Stockholm Open

Dagens PS | februari 2026

Stockholm Open heeft een driejarig naamgevingscontract gesloten met cryptobeurs Bybit. Het tennistoernooi heet vanaf 2026 “Bybit Stockholm Open”. Dit wordt gezien als Bybits opmars in de Scandinavische markt en een opvallend moment van crypto-mainstreaming in de Zweedse sportwereld.

Dagens PS

🇵🇱 Polen: KNF waarschuwt voor toezichtsvacuüm rond MiCA

Bankier.pl | februari 2026

De Poolse toezichthouder (KNF) publiceerde een document over het “juridisch niemandsland” voor cryptobedrijven onder MiCA. Polen heeft de bevoegde autoriteit nog niet volledig aangewezen, waardoor de KNF zegt dat haar bevoegdheden beperkt zijn. Bedrijven onder de overgangsregeling zijn alleen lokaal actief (geen EU-paspoort). Na 1 juli 2026 verliezen zij mogelijk hun wettelijke basis — terwijl buitenlandse MiCA-gelicenseerde partijen wél Polen kunnen betreden.

Bankier.pl

🇵🇹 Portugal: Conferentie in Lissabon over MiCA als kans

ECO Sapo | 12 februari 2026

Op de conferentie “New Money – New Wave of Digital Money” in Lissabon lag de focus op MiCA-implementatie als kans voor het Portugese fintech-ecosysteem. Banco de Portugal was prominent aanwezig. Kernpunt: “minder frictie” in betalingen vergroot het aanvalsoppervlak voor fraude, wat vraagt om geavanceerdere detectie en compliance.

ECO Sapo

🇪🇺 Ontwikkelingen rond EU-regels en toezicht

Lagarde legt hervormingschecklist voor aan EU-leiders

Reuters | 11 februari 2026

ECB-president Christine Lagarde presenteert op 12 februari bij een retreat van EU-leiders een hervormingschecklist. Onderdelen zijn onder meer wetgeving rond de digitale euro, getokeniseerd wholesale centralebankgeld, maatregelen voor een spaar- en investeringsunie en verdieping van de interne markt.

Geen directe bitcoin-wetgeving, maar wel het EU-kader waarbinnen crypto-rails en tokenisatie gaan landen. Een stemming in het Europees Parlement over de digitale-eurowetgeving wordt verwacht in de eerste helft van 2026; een mogelijke eerste uitgifte wordt genoemd voor 2029.

Reuters

ECB-gouverneur Kocher — euro als “safe haven”, druk op hervormingen

Reuters | 9 februari 2026

ECB-beleidsmaker Robert Holzmann Kocher koppelt de groeiende rol van de euro in tijden van geopolitieke onzekerheid aan de noodzaak voor versterking van de financiële architectuur. Hij verwijst naar de ECB-ambitie om EU-leiders via een “checklist” aan te zetten tot doorpakken.

Dit is macro/architectuur, maar raakt direct aan het EU-debat over strategische autonomie — waar crypto, digitale euro en stablecoins steeds vaker onderdeel van uitmaken.

Reuters

Bronnen

Süddeutsche Zeitung (Duitsland)

ORF Kärnten (Oostenrijk)

Darik Business Review (Bulgarije)

Cryptoast (Frankrijk)

Business Daily Greece (Griekenland)

We Wealth (Italië)

Dagens PS (Zweden)

Bankier.pl (Polen)

ECO Sapo (Portugal)

Lelieveldt’s strijd voor financiële mensenrechten: waarom Bitcoin ‘dringend nodig’ is

Bitcoin werd in 2009 gebouwd als alternatief voor een financieel systeem dat mensen kan uitsluiten. Simon Lelieveldt zag vanuit zijn ervaring bij De Nederlandsche Bank, van binnenuit én van de andere kant van de tafel, hoe toezicht en regelgeving ontspoorden en steeds vaker leidden tot uitsluiting in plaats van bescherming. Daar heeft hij alles over verteld in een exclusief interview.

Van e-cash tot Bitonic: hoe toezicht ontspoorde bij DNB

Lelieveldt werkte al in de jaren negentig bij De Nederlandsche Bank, waar hij betrokken was bij dossiers rond e-cash, een vroege vorm van digitaal geld. Die projecten waren nog gecentraliseerd, maar brachten voor het eerst de spanning aan het licht tussen financiële innovatie, privacy en toezicht. Het was zijn eerste kennismaking met de manier waarop toezichthouders reageren op geld dat zich deels aan bestaande controlemechanismen onttrekt.

Jaren later kwam Lelieveldt opnieuw intensief met DNB in aanraking. Ditmaal niet als medewerker, maar als compliance-adviseur namens cryptobedrijven die onder toezicht van de centrale bank vielen. 

In die rol was hij verantwoordelijk voor de toepassing van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) en de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en stond hij namens marktpartijen tegenover DNB in meerdere juridische procedures. 

Juist in die dossiers botste Lelieveldt steeds harder met wat hij ziet als structurele ontsporingen in het toezicht. Volgens hem eiste DNB van cryptobedrijven, met een beroep op de Wwft, dat zij een volledige en diepgaande persoonsgegevensverzameling zouden aanleggen, terwijl daarvoor geen juridische grondslag bestond onder de AVG.

”Dat klopte niet en toen we dat uitlegden zei DNB in essentie ‘Boeit ons niet, dit is op hoog niveau besloten en anders gaat de klant zijn bedrijf maar sluiten.”

Die opstelling leidde tot een reeks rechtszaken, onder meer rond Bitcoin-beurs Bitonic. Dat bedrijf voerde en won de zaak, waarna DNB de eis volledig moest intrekken. 

Vervolgens ontstond een nieuw conflict over de toezichtskosten die DNB in rekening had gebracht. In 2023 oordeelde de Rechtbank Rotterdam dat de toezichtinterpretatie van DNB in strijd was met Europees recht en dat er geen grondslag bestond om die kosten te heffen. 

Toch weigerde de toezichthouder aanvankelijk het geld terug te betalen en volgden nieuwe procedures. Pas in 2025 bevestigde het College van Beroep opnieuw dat de toezichtrekening over 2020 volledig onterecht was. “Maar dan ben je dus vijf jaar verder,” concludeert Lelieveldt. Voor hem is het illustratief voor “hoe kapot het systeem is”.

Voor Lelieveldt maakte dit duidelijk dat individuele procedures niet voldoende waren. Hij diende nog een integriteitsklacht in bij DNB, maar ook die bracht geen verandering. “Die is op een ‘wij van WC-eend’ manier afgewimpeld.” Zijn ervaringen legde hij vast in een notitie, waarin hij beschreef dat het voor DNB verstandiger zou zijn om klachten serieus te nemen dan marktpartijen telkens naar de rechter te dwingen.

Dat inzicht vormde de directe aanleiding voor de oprichting van Human Rights in Finance

”De realiteit van dit moment is dat DNB intimiderend toezicht houdt en zich niet aan de AVG houdt. Die houding schaadt grondrechten van bedrijven en klanten van bedrijven.”

Volgens Lelieveldt was er daarom een onafhankelijke entiteit nodig.

 “En dat vergt verandering. Verandering door pers, publiciteit en als het nodig is: procedure. En dan door een entiteit die niets te vrezen heeft, dit spel al een keer meegemaakt heeft en die niet onder toezicht van DNB valt.’’

Ook in andere dossiers ligt het toezicht van de centrale bank onder vuur. Zo oordeelde de rechtbank Amsterdam recent in de Conservatrix-zaak dat DNB in 2017 “bedrog in het geding” had gepleegd door relevante informatie achter te houden bij de goedkeuring van een overdrachtsplan. 

Hoewel de beschikking niet werd herroepen, moest DNB wel documenten verstrekken. Volgens Lelieveldt laat dit zien dat het debat over de rol en werkwijze van toezichthouders breder speelt dan alleen binnen de cryptosector.

De bankrekening als breekijzer

In een recent NRC-artikel wordt beschreven hoe tientallen coffeeshops hun pinfaciliteiten dreigen te verliezen, terwijl zij binnen het geldende overheidsbeleid opereren. Niet omdat hun activiteiten illegaal zijn, maar omdat betaaldienstverleners hen classificeren als ‘hoog risico’. Het gevolg is dat ondernemers feitelijk worden afgesloten van het betalingsverkeer, zonder expliciet verbod of politiek besluit.

Volgens Lelieveldt is dat exact dezelfde dynamiek die hij al eerder bij cryptobedrijven zag. “Alle activiteit die door DNB als hoog risico wordt gekwalificeerd: Bitcoin, sekswerkers, coffeeshops, autoverkopers en dergelijke krijgt gewoon maatschappelijk geen ruimte en wordt door banken rigide ge-offboard en verboden,” zegt hij. Sectoren zijn formeel toegestaan, maar worden via private partijen praktisch onwerkbaar gemaakt.

Die praktijk raakt volgens hem direct aan fundamentele vrijheden. ”Je bent helemaal niet meer vrij, dat is het enge,” stelt Lelieveldt. ”Je kunt als bedrijf of persoon ook niet meer vrijelijk communiceren wat je wilt, want banken gebruiken monitoringsbedrijven die media in de gaten houden en dan wordt ‘bad press’ de weigeringsgrond of de off-boardingsgrond.”

Volgens hem staat daarmee niet alleen de economische vrijheid, maar ook de vrijheid van meningsuiting onder druk. ”Daarom hebben we alternatieven als cash en Bitcoin dringend nodig.”

”In de praktijk zijn het niet langer overheden, maar betaalbedrijven en banken die bepalen wie toegang heeft tot het betalingsverkeer.” Die verschuiving vindt hij zeer problematisch. ”Opsporen doet de politie en moet niet een rol zijn voor private ondernemingen die zich ten onrechte laten dwingen in een rol als stadswacht.”

Volgens Lelieveldt zouden toezichthouders hier corrigerend moeten optreden, maar gebeurt dat te weinig. Hij wijst op eerdere dossiers waarin grootschalige transactiemonitoring plaatsvond zonder wettelijke grondslag. “DNB en Autoriteit Persoonsgegevens vonden een miljarden illegaal sleepnet door banken geen probleem,” zegt hij. “Human Rights in Finance heeft het toen zélf maar uit de lucht gehaald.” Ook nu lopen er volgens hem nog procedures, omdat toezichthouders weigeren overtreders te dwingen de schade te herstellen.

Opvallend is dat deze dynamiek zelfs Human Rights in Finance zelf raakt. De stichting accepteert geen crypto om de bankrekening te behouden. “Dat is heel wrang inderdaad, maar het is ook gewoon de dagelijkse realiteit,” zegt Lelieveldt. 

Bitcoin als antwoord op sociale inclusie

Volgens Lelieveldt raakt de manier waarop overheden omgaan met crypto en andere ‘hoog-risicosectoren’ aan de kern van waarom Bitcoin ooit is ontstaan. “Bitcoin probeerde in het begin vooral een oplossing te zijn voor online betalingen,” zegt hij.

”Bitcoin is van niemand. Vanuit het cypherpunk-gedachtegoed en de open-source-filosofie werd het systeem al snel opgevat als een bedreiging voor bestaande machtsstructuren binnen banken en toezicht.’’

In de jaren daarna werd Bitcoin door steeds meer partijen omarmd, maar ook naar zich toegetrokken. ”Eerst kwamen de Winklevoss-broers en andere grootkapitalisten, die het systeem op hun manier probeerden te benutten,” zegt Lelieveldt. ”Daarna volgden snelle spelers als FTX en Binance, en uiteindelijk begon ook de Amerikaanse politiek zich ermee te bemoeien.”

Toch ziet hij Bitcoin nog altijd als een belangrijk antwoord op financiële uitsluiting. ”Bitcoin is óók een heel relevant – misschien wel het meest relevante – antwoord op sociale inclusie en vrijheid van bezit,” zegt hij. 

Omdat betalingen rechtstreeks tussen gebruikers verlopen en er geen centrale poortwachter is, kan in principe iedereen meedoen, zonder toestemming van een bank of betaaldienst.

Die belofte staat volgens Lelieveldt wel onder druk. “De grote hoeveelheid regels die er in Europa overheen wordt gestort, zorgt ervoor dat dat oorspronkelijke doel steeds verder uit beeld raakt,” waarschuwt hij. Regulering pakt volgens hem niet alleen misstanden aan, maar dreigt ook het open karakter van het systeem te beperken.

Bitcoin mag dan een decentraal netwerk zijn zonder centrale baas, maar dat betekent niet dat toezicht onmogelijk is. Toezichthouders hoeven het netwerk zelf niet te controleren.  ”Je kunt prima kijken naar de plekken waar het decentrale systeem raakt aan de echte wereld,” zegt hij. Denk aan exchanges, betaalbedrijven, bewaarpartijen of wanneer crypto wordt omgewisseld naar euro’s.

Of een systeem technisch gezien centraal of decentraal is, vindt hij daarom juridisch minder relevant. Vanuit juridisch perspectief kun je gewoon bepalen op welk punt je regels toepast en wie daarvoor verantwoordelijk is.

Volgens Lelieveldt vormen crypto en Bitcoin dan ook geen ongrijpbare bedreiging voor toezichthouders. “Via regelgeving is inmiddels vrijwel alles in de tang te nemen.” 

Zijn grootste zorg zit elders. ”Er zit nu zóveel grootkapitaal in crypto dat verschuivingen binnen bitcoin en beslissingen van landen als El Salvador en de VS echte gevolgen kunnen hebben voor het financiële systeem.”

Ook toezichthouders erkennen inmiddels dat de cryptomarkt zo groot is geworden dat zij invloed kan hebben op het bredere financiële systeem. In rapporten van de Bank for International Settlements wordt gewezen op de snelle groei van partijen als Tether en Binance en de steeds grotere handel in crypto-derivaten.

Die ontwikkeling maakt het ecosysteem volgens Lelieveldt niet stabieler. 

“Binnen die te verwachten turbulentie blijft Bitcoin in mijn ogen toch echt het originele open en inclusieve alternatief.”

Belasting op bitcoin gaat op de schop: experts reageren op omstreden box 3-wijziging

Na jaren van juridische strijd, tijdelijke oplossingen en politieke hoofdbrekens staat box 3 opnieuw voor een ingrijpende verandering. Vanaf 2028 wil de Nederlandse overheid definitief afscheid nemen van het belasten van verzonnen rendementen. In plaats daarvan moet het werkelijke rendement centraal komen te staan.

Dat klinkt als een eerlijke oplossing, maar het nieuwe stelsel krijgt ontzettend veel kritiek. Zelfs politieke partijen hebben hun twijfels en zien liever een ander systeem, maar voelen zich gedwongen om toch in te stemmen.

Wat verandert er straks precies, waarom voelt de steun zo wankel en waarom kan dit nieuwe systeem juist voor bitcoiners slecht uitpakken? In dit artikel zetten we alles overzichtelijk op een rij en laten we twee experts hun licht laten schijnen over de plannen.

Hoe box 3 nu werkt

Box 3 is de belasting op vermogen. Spaargeld, beleggingen zoals aandelen en crypto, en bijvoorbeeld een tweede woning vallen hieronder. Sinds de invoering in 2001 rekent de Belastingdienst niet met wat iemand écht verdient, maar met een fictief rendement: een aangenomen opbrengst waarover belasting wordt geheven.

Dat systeem bleef jarenlang overeind, maar begon te knellen toen spaarrentes structureel laag werden. Spaarders betaalden belasting over winsten die zij in de praktijk nauwelijks maakten. Vanaf 2017 werd het stelsel aangepast, met verschillende fictieve rendementen voor spaargeld en beleggingen, maar ook dat bleef gebaseerd op gemiddelden.

In 2021 trok de Hoge Raad definitief aan de noodrem. In het zogeheten Kerstarrest oordeelde de rechter dat het belasten van verzonnen rendementen in strijd is met het eigendomsrecht en het gelijkheidsbeginsel. Sindsdien bevindt box 3 zich in een soort noodtoestand.

De overheid werkt momenteel met een tijdelijke regeling, de Overbruggingswet uit 2023. Spaargeld, beleggingen en overige bezittingen worden daarbij afzonderlijk belast, nog steeds op basis van veronderstelde rendementen. 

Wel is er sinds vorig jaar een tegenbewijsregeling: wie kan aantonen dat zijn werkelijke rendement lager was dan waar de Belastingdienst mee rekent, kan (een deel van) de betaalde belasting terugkrijgen.

In dit artikel lees je precies hoeveel belasting je nu betaalt over je Bitcoins.

Wat verandert er vanaf 2028?

Vanaf 1 januari 2028 moet de Wet werkelijk rendement box 3 ingaan. De gedachte daarachter is op eenvoudig: niet langer een verzonnen percentage, maar het rendement dat iemand daadwerkelijk behaalt, vormt de basis voor de belastingheffing.

Voor spaargeld, aandelen en crypto geldt een vermogensaanwasbelasting. Daarbij kijkt de Belastingdienst elk jaar naar het totale rendement. Dat bestaat niet alleen uit de waardeverandering van het bezit, maar ook uit direct ontvangen inkomsten zoals rente op spaargeld, dividend op aandelen maar ook staking-beloningen op cryptomunten.

Stel iemand bezit één Bitcoin ter waarde van 100.000 euro. Stijgt de koers in een kalenderjaar met 30 procent, dan is het rendement 30.000 euro. Over dat bedrag moet box 3-belasting worden betaald, ook als de volledige bitcoin in de wallet blijft.

Voor onroerende zaken en aandelen in start-ups en scale-ups geldt juist een vermogenswinstbelasting. In die gevallen wordt pas afgerekend op het moment van verkoop. Die uitzondering moet voorkomen dat mensen belasting moeten betalen over bezit dat moeilijk te gelde te maken is.

Het gevolg is wel dat belastingbetalers vanaf 2028 meerdere systemen naast elkaar moeten bijhouden, wat de aangifte complexer maakt.

Wie verlies maakt, krijgt geen directe teruggaaf. Verliezen mogen wel onbeperkt worden verrekend met toekomstige winsten. Er geldt daarbij een drempel van 500 euro per jaar: alleen verliezen boven dat bedrag tellen mee.

Ook het bekende heffingsvrije vermogen verdwijnt. In plaats daarvan komt een heffingsvrij resultaat van 1.800 euro per persoon per jaar. Over de eerste 1.800 euro aan rendement wordt geen belasting geheven, ongeacht hoe groot het vermogen is.

Waarom er zoveel kritiek is

Vooral het belasten van papieren winsten is een van de meest omstreden onderdelen van het nieuwe systeem. Het kan beleggers ertoe dwingen om een deel van hun bezittingen te verkopen. 

Als bitcoin een heel goed jaar draait en bijvoorbeeld in waarde verdubbelt, dan kan de belastingaangifte al snel heel erg oplopen. Voor de mensen die dit niet zomaar kunnen ophoesten zit er dan weinig anders op. En dat zorgt er weer voor dat ze in de toekomst minder verdienen aan hun beleggingen.

Vermogensexperts van ABN Amro Tjarko Denekamp en Peter Beets noemen het voorgestelde systeem juridisch en praktisch kwetsbaar en zien meerdere duidelijke knelpunten.

Een eerste groot probleem is het hybride karakter van het stelsel. Voor spaargeld, aandelen en crypto geldt een vermogensaanwasbelasting, terwijl voor vastgoed en aandelen in start-ups pas bij verkoop wordt afgerekend. Volgens de experts is dat moeilijk uitlegbaar en vergroot het de complexiteit, zowel voor belastingbetalers als voor de Belastingdienst.

Een ander groot pijnpunt is het gebrek aan verliescompensatie. Die kwetsbaarheid speelt op twee momenten: bij de overgang naar het nieuwe systeem en in de jaren daarna.

Allereerst tellen verliezen die vóór 1 januari 2028 zijn geleden niet mee. Beleggers die de afgelopen jaren zware verliezen hebben geïncasseerd, beginnen in het nieuwe stelsel met een schone lei. Herstelt een portefeuille in 2028 slechts tot het oorspronkelijke ingelegde bedrag, dan ziet de Belastingdienst dat herstel alsnog als winst. Economisch is er niets verdiend, maar fiscaal moet er worden afgerekend.

Daarna ontstaat een tweede, meer structureel probleem. In het nieuwe stelsel mogen verliezen alleen worden verrekend met toekomstige winsten. Achterwaartse verliesverrekening ontbreekt. Denekamp liet aan ons weten dat het tot schrijnende situaties kan leiden.

”Stel dat je in 2028 een mooie winst maakt, maar je verkoopt niet en in 2029 gaat die winst in rook op. Per saldo heb je dan niets verdiend, maar over de winst in 2028 moet je wel belasting betalen.”

Het probleem wordt groter als er daarna geen nieuwe winsten meer volgen. Wie stopt met beleggen, zijn vermogen investeert in een onderneming, een huis koopt of komt te overlijden, kan het verlies niet meer verrekenen. ”Het lijkt logisch om de verliesverrekening wat te verruimen, zoals ook in box 2 geldt,’’ aldus Van Denekamp.

Een derde knelpunt zit bij heffing zonder daadwerkelijke inkomsten. In het nieuwe stelsel kan belasting verschuldigd zijn bij gebeurtenissen zoals schenking, overlijden of het aangaan of beëindigen van een huwelijk. Ook bij vastgoed kan heffing plaatsvinden zonder dat er feitelijk inkomsten zijn, bijvoorbeeld bij leegstand. Dat vergroot het risico op liquiditeitsproblemen en zelfs gedwongen verkoop.

De Raad van State waarschuwt dat belasting heffen over papieren winsten kan botsen met het eigendomsrecht uit het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en het draagkrachtbeginsel kan schenden. 

Van Denekamp gaf aan dat de kwetsbaarheid met name opkwam vanuit de Landsadvocaat. Die legde de vinger op het punt dat bij een vermogensaanwasbelasting de belastingbetaling al aan de orde kan komen voordat de winst is gerealiseerd. 

”Ik kan niet inschatten hoe groot dat risico is, dat is aan de rechter,’’ zo schrijft hij.

Waarom vermogensaanwas ‘best elegant’ kan zijn

Tussen alle kritiek klinkt ook een ander geluid. Bert Slagter, schrijver van Ons geld is stuk en host van Satoshi Radio, noemt vermogensaanwasbelasting op zichzelf zelfs “best elegant”. Die uitspraak deed hij op socialmediaplatform X, maar hij nuanceert die meteen.

Volgens Slagter is er in Nederland een breed gedragen uitgangspunt dat vermogen belast moet worden op basis van het werkelijke rendement. De echte discussie gaat niet over dát principe, maar over de vorm: reken je jaarlijks af over de waardestijging, of pas op het moment dat winst daadwerkelijk wordt gerealiseerd bij verkoop?

“Bij het vergelijken van systemen kijken economen of ze onnodige economische verstoringen veroorzaken,” legt Slagter uit. Juist daar ziet hij een belangrijk voordeel van vermogensaanwasbelasting. Bij een vermogenswinstbelasting worden beleggers fiscaal geprikkeld om beleggingen langer vast te houden dan ze eigenlijk zouden willen. Dat kan ertoe leiden dat portefeuilles niet worden aangepast, puur om belasting te vermijden.

”Bij een vermogensaanwasbelasting is dat niet aan de orde. Iedereen rekent jaarlijks af, en je kunt zonder straf je portefeuille herschikken.”

Daar komt bij dat een vermogenswinstbelasting volgens Slagter vooral gunstig uitpakt voor de allerrijksten. Zij kunnen winstnemingen uitstellen, wachten op een gunstiger tarief of hun vermogen belenen zonder ooit te verkopen. Op die manier blijft belastingheffing soms jarenlang, of zelfs een leven lang, uit.

Die elegantie ziet Slagter in theorie ook terug bij volatiele beleggingen zoals bitcoin, maar wel onder strikte voorwaarden. Eén van die voorwaarden is dat er een ”volledige en efficiënte verliesverrekening is met eerdere en latere jaren”.

Ook over het tarief is Slagter uitgesproken kritisch. Het voorgestelde box 3-tarief van 36 procent noemt hij “belachelijk hoog”. “Als je alle vermogenswinstbelastingtarieven elders in de wereld op een rijtje zet, dan ligt het zwaartepunt rond de 20 procent,” stelt hij. Voor een vermogensaanwasbelasting zou het tarief volgens hem juist lager moeten liggen, omdat de overheid bij dit systeem eerder en structureler inkomsten binnenhaalt.

Hij vertelt ook nog dat de administratieve last van vermogensaanwasbelasting volgens hem juist lager is dan bij een vermogenswinstbelasting. “Dat komt omdat je bij vermogenswinstbelasting de aanschafprijs van elke individuele belegging moet bijhouden, ook als dat tientallen jaren geleden is.”

Politiek draagvlak, maar met pijn in de buik

De huidige tussenoplossing met fictieve rendementen zorgt voor onzekerheid, veel bezwaarprocedures en een enorme uitvoeringslast voor de Belastingdienst. Bovendien kost het de staat veel geld. Door de huidige regeling loopt de schatkist jaarlijks zo’n 2,4 miljard euro mis.

Uitstel is daardoor politiek nauwelijks meer verdedigbaar. Hoe onbevredigend het nieuwe voorstel voor velen ook voelt, vrijwel niemand ziet een realistisch alternatief op korte termijn. 

Volgens de NOS noemt de PVV het voorstel “bizar slecht” en de ChristenUnie vindt het “onnodig ingewikkeld”. Veel partijen noemen de wet daarom expliciet een tussenstap. en ook staatssecretaris Eugène Heijnen heeft al aangegeven dat dit niet het eindstation is.

Gisteren werd er gestemd over de moties en dat was de eerste van drie stemrondes. Donderdag stemt de Kamer over de amendementen (de wijzigingen op de wet) en later op de dag over het wetsvoorstel zelf.

Nieuw kabinet zet al koers naar een ander systeem

In het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA (‘Aan de slag. Bouwen aan een beter Nederland’) staat dat het nieuwe box 3-stelsel op termijn moet worden doorontwikkeld naar een volledige vermogenswinstbelasting, waar Slagter het dus ook al over had.

Volgens het kabinet is een directe overstap technisch en praktisch niet haalbaar. De systemen van de Belastingdienst zijn daar nog niet op ingericht en een abrupte wijziging zou de geplande invoering per 1 januari 2028 op losse schroeven zetten. Bovendien zou de staat in de eerste jaren miljarden aan belastinginkomsten mislopen, omdat beleggers winstnemingen kunnen uitstellen.

Een nooduitgang tegen Bitcoin’s quantumdreiging?

Je hoeft geen doemdenker te zijn om één simpele vraag serieus te nemen: kan Bitcoin een leven lang mee? Niet letterlijk ‘bestaan’, maar praktisch gezien: kan iemand vandaag bitcoin opslaan, het decennia met rust laten, en het later weer veilig uitgeven?

De laatste tijd doen veel nieuwsartikelen de ronde over de bedreiging die quantumcomputers vormen voor Bitcoin. Niet onterecht, want in theorie zouden deze computers de encryptie die Bitcoin mogelijk maakt, kunnen ‘breken’. En wat dan?

Op de mailinglist van Bitcoinontwikkelaars dook deze week een voorstel op dat precies dáár over gaat. Niet over snelle functies of hippe apps, maar over iets dat je pas mist als het er niet is: een nooduitgang voor het moment dat dingen stuk gaan. 

Het idee komt van onderzoeker Ethan Heilman en gaat over hoe Bitcoin zich kan voorbereiden op een verre, maar niet ondenkbare dreiging: een doorbraak die digitale handtekeningen onderuit haalt – door quantumcomputers, bijvoorbeeld.

Digitale handtekeningen 

Bitcoin’s onderliggende fundament is het idee van eigendom zonder tussenpartij. Geen bank die zegt: ‘ja, dit is jouw rekening.’ In plaats daarvan bewijst iedere gebruiker zelf, met een digitale handtekening, dat diegene een hoeveelheid bitcoin kan overmaken. Dat is hoe het hele systeem werkt: wie legitiem kan tekenen, kan legitiem uitgeven.

Dat werkt omdat het vandaag praktisch onmogelijk is om een handtekening te vervalsen, of om een geheime sleutel (key) terug te rekenen uit wat er openbaar op de blockchain staat. Maar ‘praktisch onmogelijk’ is niet onmogelijk. Het is een aanname, gebaseerd op wat we nu kunnen en weten.

De komende jaren is er dus geen reden om paniek te hebben. Maar als je denkt in decennia, dan is het redelijk om je af te vragen wat er gebeurt als er ooit een doorbraak komt.

De quantumdreiging, zonder sciencefiction

Quantumcomputers worden vaak genoemd als een groot gevaar. Niet omdat ze ‘sneller’ zijn, maar omdat ze sommige wiskundige puzzels op een andere manier kunnen oplossen. In theorie zou een sterke quantumcomputer kunnen helpen om geheime sleutels af te leiden uit openbare gegevens, en daarmee handtekeningen vervalsen. En dus bitcoin van iemand anders uit te geven.

Of en wanneer dat kan, is onzeker. Maar áls het ooit lukt, dan wil je niet op die dag geen plan hebben. Dat is alsof je pas een brandtrap ontwerpt als het gebouw al in de fik staat.

Hoe mensen zich nu al een beetje indekken

Een geruststellende waarheid is dat veel bitcoin vandaag al minder zichtbaar is dan je denkt. Bij veel soorten adressen wordt je publieke sleutel pas gedeeld met het netwerk als je een keer bitcoin uitgeeft. Als je coins gewoon stilliggen, ziet de buitenwereld vaak alleen een soort vingerafdruk, maar geen volledige sleutel. Dan is er dus ook niks voor een quantumcomputer om terug te herleiden naar een handtekening.

Daarom hoor je in de community (die dus deels leeft in dit soort mailinglijsten) al jaren praktische adviezen zoals geen adressen te hergebruiken en om wallet-software up-to-date te houden. Dat helpt, maar het is geen plan voor een echte noodsituatie. Het is meer netjes rijden en hopen dat je nooit crasht.

Een nieuw voorstel: een noodsleutel die je bijna nooit gebruikt

In de mailinglijst beschrijft Heilman een theoretische oplossing die het mogelijk maakt om bitcoins waarvan de publieke sleutel nog niet is vrijgegeven ook na een rampscenario te blijven gebruiken. Zelf gebruikt hij het voorbeeld van een hardwarewallet die ergens in de tuin begraven is.

Als je niet teveel op de cryptogragie gaat zitten, is zijn oplossing makkelijk te begrijpen. Bitcoin zou als een kluis moeten zijn die twee manieren heeft om open te gaan:

De normale sleutel: goedkoop en handig, voor dagelijks gebruik

De noodsleutel: groot, onhandig, duur, maar ontworpen om zelfs te werken als er iets fundamenteels misgaat met de normale sleutel

Die noodsleutel zou dan gebaseerd zijn op een soort handtekening die minder leunt op één specifieke wiskundige aanname, en daardoor gezien wordt als een veilige gok voor de verre lange termijn. Het nadeel: zo’n noodhandtekening is groot en neemt veel ruimte in. 

Maar precies dat is de bedoeling. Het is geen vervanging van hoe we vandaag betalen. Het is een vluchtroute: je gebruikt ’m alleen als je écht moet verhuizen naar iets nieuws.

Waarom dit slim is: je kunt wachten met kiezen

Wat dit voorstel interessant maakt, is niet dat het een ‘post-quantum Bitcoin’ belooft. Het doel ervan is om tijd te kopen.

Stel dat er ooit twijfel ontstaat over de veiligheid van de huidige handtekeningen. Dan wil je niet dat iedereen tegelijk haastig naar één nieuwe oplossing springt. Haast en cryptografie zijn namelijk een slechte combinatie. Je wil een manier om rustig te kunnen migreren, zonder dat coins in de tussentijd vogelvrij zijn.

Als er een nooduitgang ingebouwd wordt kun je het normale systeem gebruiken zolang het sterk is, maar toch een bewezen uitweg hebben als het misgaat, om rustig te beslissen wat de nieuwe standaard wordt.

De reactie: ja, maar let op de kosten

Jonas Nick (een invloedrijke ontwikkelaar bij Adam Back’s Blockstream Research) reageerde positief op het idee van zo’n noodroute, maar zette meteen een belangrijke kanttekening. Kosten voor het netwerk zijn niet alleen het probleem van een individu. Grotere noodhandtekeningen betekenen meer data en meer rekenwerk voor alle nodes die de keten bewaken.

Ook wijst hij erop dat je misschien slimme manieren kunt vinden om het in te voeren zonder nieuwe soorten “kluizen” te maken. Het gaat dus niet alleen om het idee, maar ook om de route ernaartoe.

Ok cool, maar is dit interessant voor gewone bitcoiners?

Ja, mits je het niet als angstaanjagend verhaal ziet. Zoals Heilman zelf in zijn voorstel opmerkt: “Ik heb vertrouwen in de Bitcoin handtekeningalgoritmes en ik ken geen directe bedreigingen. Dit voorstel is ingegeven door een langetermijnvisie en de gedachte hoe Bitcoin veilig kan blijven op een tijdschaal van decennia of eeuwen.”

Voorbij de hype of prijzen die kelderen of omhoog schieten, geeft het inzicht in een volwassen gesprek over iets wat pas van pas komt als het te laat is: migreren zonder chaos.

Historisch gezien is Bitcoin sterk gebleven door conservatisme; weinig veranderen, veel testen, geen haast. Maar ook conservatisme heeft een keerzijde: als je ooit wél iets moet veranderen, wil je niet ontdekken dat je geen er gereedschap voor hebt.

Je kunt dit voorstel lezen als een vraag aan de hele gemeenschap: Willen we Bitcoin vooral optimaliseren voor vandaag of ook een versie van Bitcoin ontwerpen die over 50 jaar nog steeds onafhankelijk kan opereren?

Wat er vandaag of morgen ook gebeurt met regulering, prijs of speculatie, blijft het relevant om te weten dat er mensen zijn die bezig zijn met de lange termijn.

Rutherford Chang vereeuwigt kunst op Bitcoin: waar massaproductie uniek wordt

0

Als mensen het werk van Rutherford Chang beschrijven, hoor je woorden als obsessief, conceptueel en minimalistisch. Deze omschrijvingen zijn niet onjuist, ze wijzen op iets reëels in zijn praktijk. Maar ze missen ook wat zijn benadering onderscheidend maakt. Chang werkte met objecten die de industriële cultuur heeft ontworpen om identiek te zijn: platen die in miljoenen exemplaren zijn geperst, portretten die volgens een strikte huisstijl zijn getekend, munten die zijn geslagen om perfect inwisselbaar te zijn. Zijn interesse lag precies in het moment waarop de belofte van gelijkheid begint te falen, wanneer tijd en menselijk gebruik sporen achterlaten die verondersteld identieke objecten veranderen in unieke dingen.

Het retrospectief Rutherford Chang: Hundreds and Thousands opende op 17 januari 2026 in het UCCA Center for Contemporary Art in Peking, een van China’s toonaangevende instellingen voor hedendaagse kunst. Deze tentoonstelling is om meerdere redenen belangrijk. Het is Changs eerste institutionele retrospectief en zijn meest omvangrijke solopresentatie tot nu toe. Het is bovendien een postume tentoonstelling. Chang stierf in 2025 op 45-jarige leeftijd en liet een oeuvre na dat bijna volledig is opgebouwd rond de praktijk van het verzamelen en rangschikken van massaproducten totdat hun individuele geschiedenissen zichtbaar en leesbaar werden.

Peking is een passende locatie voor dit retrospectief, en niet alleen om de voor de hand liggende redenen. Ja, Chang bewoog zich gedurende zijn carrière vaak tussen New York en China, en ja, hij toonde al vroeg werk in Peking. Maar de stad zelf biedt nog iets specifiekers: een context die wordt gevormd door snelle cycli van bouw en sloop, van vervanging, door de voortdurende versnelling van verandering en circulatie. In zo’n omgeving krijgt Changs geduldige aandacht voor wat achterblijft, voor de residu’s en sporen die zich op objecten ophopen terwijl ze door systemen bewegen die erop zijn gericht ze uniform te houden, een bijzondere lading. De tentoonstelling is gecureerd door Philip Tinari, directeur van UCCA, en Aki Sasamoto, eveneens kunstenaar – beiden oude vrienden van Chang, die zijn werkwijze van binnenuit kennen. Hun samenwerking houdt de tentoonstelling dicht bij het werk als praktijk, met proces en methode op de voorgrond.

Om Changs benadering te begrijpen, moeten we goed kijken naar de titel van de tentoonstelling. Hundreds and Thousands klinkt als een eenvoudige maat, als een gebaar richting kwantificering. Chang werkte doorgaans op grote schaal. Hij verzamelde niet tientallen maar honderden of duizenden exemplaren. Maar waar de titel in wezen naar verwijst, is een methode en een specifieke manier van werken die ontstaat wanneer je je met massaproducten bezighoudt in voldoende aantallen. Chang ontdekte dat hoeveelheid, vanaf een bepaald punt, ophoudt zich op voorspelbare manieren te gedragen. Op een bepaalde schaal begint herhaling details bloot te leggen. Zet honderden bijna identieke objecten naast elkaar en je begint tijd te zien. Je begint aanraking te zien. Je ziet ongelukken. Je ziet opslag. Je ziet verwaarlozing. Je ziet ook zorg. De sporen van individuele omgang worden zichtbaar. Waar je uiteindelijk naar kijkt, is een verslag van geleefd leven dat is ingedrukt in objecten die de industriële cultuur heeft ontworpen om stabiel en inwisselbaar te blijven.

We Buy White Albums

Een van Changs bekendste projecten demonstreert deze methode met bijzondere helderheid. We Buy White Albums vertrekt vanuit een beperking die eenvoudig genoeg is om in één zin te formuleren, al ontvouwen de implicaties zich over jaren: Chang richtte een platenzaak op die uitsluitend eerste persingen van The Beatles’ The Beatles (1968) in voorraad had, algemeen bekend als ‘The White Album’. De winkel had één regel die de normale commerciële logica op zijn kop zette: hij verkocht niets, hij kocht alleen.

Dit uitgangspunt is bewust smal gekozen en blijft dat ook gedurende de hele looptijd van het project, en juist dat maakt het mogelijk dat het in de loop van de tijd zo effectief kan opschalen. Tijdens tentoonstellingen waarbij Chang aanwezig was, functioneerde het werk in real time: mensen konden langskomen met hun eigen exemplaar van het White Album en dat tijdens de looptijd van de tentoonstelling aan het archief verkopen. De koophandeling werd zo een moment van directe uitwisseling tussen het werk en zijn publiek, en het archief groeide via deze individuele transacties in plaats van via curatoire selectie of marktverwerving. Elk exemplaar kwam al aan met sporen van jarenlang gebruik. Die sporen, het opgestapelde bewijs van circulatie, droegen het werk verder.

Om te begrijpen waarom dit project werkt zoals het werkt, moeten we het White Album zelf als object nauwkeuriger bekijken. Richard Hamilton ontwierp de hoes als een vrijwel volledig leeg wit vlak. Minimalisme in zijn meest gereduceerde vorm. En toch dragen vroege persingen een gestempeld serienummer, een klein detail dat de schijnbare eenvoud compliceert. Dat serienummer vervult een merkwaardige dubbele functie: het kadert elk exemplaar als één uit velen (jouw exemplaar is nummer 0234561 uit miljoenen), terwijl het tegelijkertijd door de handeling van het nummeren zelf wijst in de richting van iets als een gelimiteerde oplage. Hier stuiten we op de tegenspraak die rechtstreeks in het object is ingebouwd: massaal geproduceerd minimalisme dat een paradoxale aanspraak op uniciteit maakt. Het serienummer vertelt je dat dit slechts één exemplaar uit miljoenen is, terwijl de blanco witte hoes je uitnodigt om het je eigen te maken.

Chang begreep wat deze tegenspraak in beweging zet zodra deze objecten in omloop komen en zich door de tijd beginnen te verplaatsen. Het schone witte oppervlak dat Hamilton met zoveel zorg ontwierp, blijft niet lang schoon. Het dagelijks leven herschrijft het. Waterschade verspreidt zich in grillige patronen over het karton. Hoeken scheuren of buigen door onzorgvuldig hanteren of te krappe planken. Eigenaren schrijven hun naam op de hoes, voegen aantekeningen toe over wanneer en waar ze het album kochten, soms met opdrachten of gedetailleerde lijstjes van favoriete nummers. Prijsstickers van tweedehandszaken stapelen zich in lagen op en vormen onbedoelde collages van commerciële geschiedenis. In sommige gevallen slaat schimmel toe tijdens opslag in vochtige kelders of zolders en ontstaan organische patronen die bijna opzettelijk lijken, of laten we zeggen: bijna artistiek. Door dit alles houdt het album op een uniform industrieel product te zijn en wordt het iets unieks, gemarkeerd door zijn eigen, specifieke geschiedenis.

De beslissing om deze albums in elke staat te verzamelen en niet alleen te zoeken naar smetteloze, museale exemplaren, is een keuze met verstrekkende gevolgen voor hoe het werk betekenis krijgt. Het betekent dat beschadiging en slijtage worden behandeld als informatie, niet als verval dat moet worden hersteld of gecorrigeerd. Deze verschuiving in hoe we objecten waarderen, is cruciaal om het project te begrijpen. Een ongerept exemplaar vertelt misschien iets over zorgvuldige conservering, over iemand die het object genoeg waardeerde om het tegen de wereld te beschermen. Maar een gehavend exemplaar, vol vlekken en sporen, vertelt een ander en waarschijnlijk rijker verhaal. In Changs handen blijven deze sporen zichtbaar en gaan ze op nieuwe manieren betekenis krijgen. Hij keert steeds weer terug, in verschillende projecten, naar precies dat punt waar objecten die ontworpen zijn voor perfecte uitwisselbaarheid aan de randen beginnen te rafelen, waar ze hun eigen verslag van circulatie gaan meedragen dat ze individueel leesbaar maakt.

Het werk houdt echter niet op bij de fysieke verzameling. Chang ging nog een stap verder door meerdere exemplaren van het album op te nemen en die over elkaar te leggen tot één geluidsstuk. Honderd versies van het White Album spelen gelijktijdig, die geleidelijk uit de pas gaan lopen wanneer kleine verschillen in kwaliteit en opgelopen slijtage zich opstapelen tot een verschuivend koor van geluid. Het resultaat registreert niet als een remix of mash-up in de gebruikelijke zin. Het voelt eerder als het archief zelf dat hoorbaar is gemaakt, een manier om te luisteren naar hoe uniformiteit faalt wanneer je genoeg iteraties op elkaar stapelt. Wat aan de oppervlakte komt, is niet zuiverheid of trouw aan een origineel, maar de tijd zelf, gematerialiseerd in de vorm van wrijving en ruis. Het stuk functioneert als wat we materieel geheugen zouden kunnen noemen, met opmerkelijk weinig belangstelling voor fancultuur of de mythologie die doorgaans rond The Beatles hangt.

The Class of 2008

Chang paste dezelfde basale methodologische benadering toe op een heel ander soort massaproduct: gedrukte nieuwsmedia. The Class of 2008 presenteert zich als een rechttoe rechtaan catalogus. Het is een alfabetische opsomming van elk hedcut-portret dat in 2008 in The Wall Street Journal is gepubliceerd. Voordat we kunnen begrijpen wat Chang met dit materiaal doet, moeten we echter begrijpen wat hedcuts zijn en waarom ze ertoe doen. Hedcuts zijn de karakteristieke gestippelde, gravureachtige portretten die de Journal gebruikt voor bepaalde personen in zijn berichtgeving. De techniek is bewust ontleend aan negentiende-eeuwse gravures en draagt specifieke associaties met zich mee: autoriteit, duurzaamheid, betrouwbaarheid, het visuele register van iets dat bedoeld is om onder kritiek stand te houden en de tand des tijds te doorstaan.

De structuur van de catalogus is bedrieglijk eenvoudig: alfabetische volgorde, waarbij herhaling zichtbaar blijft in het overzicht. Als iemand meerdere keren in 2008 verscheen, wordt dat duidelijk aangegeven in het boek, en die verschijningen worden nadrukkelijk niet teruggebracht tot één representatieve vermelding. Deze keuze voor de ordening van het materiaal is van belang, omdat zij het mogelijk maakt dat patronen van herhaling en terugkeer zichtbaar worden in de manier waarop de lezer het werk doorloopt. En de timing van het project verscherpt de implicaties aanzienlijk. 2008 was, zoals we allemaal weten, het jaar waarin financiële autoriteit onder uitzonderlijke druk kwam te staan, waarin economische structuren die het meest stabiel leken, zich kwetsbaar of zelfs illusoir bleken. En toch bleef gedurende deze hele periode de visuele taal van legitimiteit in de Journal ononderbroken doorgaan, dag na dag bepaalde gezichten weergevend in precies dit register van autoriteit en vertrouwen.

Changs catalogus legt deze continuïteit eenvoudigweg vast, zonder redactioneel commentaar of expliciete kritiek toe te voegen. De alfabetische ordening vlakt elke narratieve boog uit die de gebeurtenissen van dat jaar zouden kunnen suggereren. Er wordt geen chronologisch verhaal verteld over crisis en reactie, er wordt geen hiërarchie van belangrijkheid opgelegd via de volgorde van presentatie. In plaats daarvan verricht herhaling zelf het interpretatieve werk. Terwijl je door het boek bladert, valt je op wie één keer verschijnt en wie steeds weer terugkomt, opnieuw en opnieuw. Je begint patronen te zien in wie in dit gezaghebbende visuele register wordt weergegeven en wie erbuiten blijft. De hedcut wordt zo niet alleen een neutrale illustratietechniek, maar een vraag naar legitimiteit en representatie: wie wordt gemarkeerd als iemand die deze specifieke vorm van aandacht waard is, wie wordt opgenomen in deze visuele woordenschat van duurzaamheid en autoriteit, en wie blijft onzichtbaar voor deze institutionele blik?

Game Boy Tetris

Als Changs verzamelprojecten de tijd zichtbaar maken via de geleidelijke opeenstapeling van sporen op fysieke objecten, benadert *Game Boy Tetris* de vraag naar tijd en herhaling via een ander medium: arbeid zelf, als de repetitieve inspanning van proberen en falen en opnieuw proberen. Het werk documenteert Changs herhaalde pogingen om de hoogst mogelijke score te behalen in de oorspronkelijke Game Boy-versie van Tetris, waarbij hij het proces gedurende een langere periode filmde totdat de opeenstapeling van pogingen zelf de inhoud en betekenis van het werk werd. Op een bepaald moment tijdens deze langdurige bezigheid overtrof hij Steve Wozniaks score op het klassement. Een detail dat hij met zichtbare voldoening noteerde – een herinnering aan hoe serieus hij kwesties van registratie en gedocumenteerd bewijs van prestatie nam.

Datzelfde eenvoudige, op regels gebaseerde systeem houdt je aandacht vast door lange periodes van concentratie, onderbroken door mislukking en de beslissing om opnieuw te beginnen. Het verlangen naar voltooiing, naar het bereiken van een definitief eindpunt, blijft je terug de lus in trekken, ook al worden de redenen om door te gaan steeds moeilijker onder woorden te brengen. De vooruitgang blijft de hele tijd meetbaar – je kunt verbetering over verschillende pogingen heen volgen, zien hoe vaardigheden zich ontwikkelen en patronen zichtbaar worden – terwijl de grotere betekenis of het doel van die vooruitgang begint te vervagen, en de vraag waarom juist deze specifieke score ertoe doet steeds moeilijker met enige overtuiging te beantwoorden valt.

Chang observeerde obsessieve culturen of completionist-praktijken niet van een veilige kritische afstand, waarbij hij werk maakte *over* verzamelen of herhaling zonder zelf echt aan die structuren deel te nemen. In plaats daarvan bouwde hij systemen en beperkingen die jarenlang zijn eigen aandacht en inspanning konden absorberen en toch steeds meer bleven vragen. Na verloop van tijd, door deze volgehouden en oprechte betrokkenheid bij repetitieve structuren, begint Chang zelf te lijken op het ding dat hij ogenschijnlijk bestudeert. Hij wordt, in zekere zin heel concreet, zelf een soort repetitief systeem als geleefde praktijk.

CENTS

Changs laatste grote project neemt zijn al lang bestaande interesse in eenheden, standaarden en systemen van registratie en breidt die uit tot wat een voortdurende en in zekere zin autonome conditie is geworden. Hij voltooide de fysieke verzameling en documentatie van tienduizend koperen cents in 2023, op een moment dat de munt van één cent nog steeds regelmatig in omloop was in de Verenigde Staten. In 2024 werden de digitale registraties van deze tienduizend afzonderlijke munten op Bitcoin vastgelegd, waardoor het werk kon blijven circuleren en betekenis kon blijven accumuleren buiten Changs directe controle of inmenging om. Vervolgens, in een ontwikkeling die het hele project nog een extra historische dimensie geeft, stopte de U.S. Mint op 12 november 2025 met de productie van de circulerende munt van één cent. Dit betekent dat achteraf, met de afstand die historische terugblik biedt, de penny zelf gelezen begint te worden als een historisch object, iets wat behoort tot een bepaald moment van muntverkeer en uitwisseling dat nu het verleden in aan het glijden is.

Het project vertrekt, zoals het meeste werk van Chang, vanuit een gegeven waar veel mensen vaag iets van weten, maar waar zelden met zorg of precisie over wordt nagedacht. Chang beperkte zijn verzameling specifiek tot cents die vóór 1982 zijn geslagen, het jaar waarin de U.S. Mint de samenstelling van de penny veranderde om de kosten te drukken. Voor 1982 bestonden pennies hoofdzakelijk uit koper; na die datum werden het met koper beklede zinken munten. Dit ogenschijnlijk kleine detail heeft reële gevolgen: pennies uit de eerdere periode kunnen, onder bepaalde marktomstandigheden, hun nominale waarde overstijgen als je ze louter als grondstof beschouwt. Het kopergehalte kan meer waard zijn dan één cent. Dat creëert een vreemde situatie waarin de staat elke munt blijft definiëren als exact één cent waard (en het omsmelten voor de metaalwaarde illegaal maakt), terwijl de materiële werkelijkheid van het object op een geheel andere waarde wijst. Chang behandelt dit niet als een paradox die opgelost moet worden of een probleem dat verholpen moet worden. Hij neemt het als gegeven, als een van de structurele voorwaarden die het werk mogelijk en interessant maken.

Het proces dat hij ontwikkelde is methodisch en systematisch. Hij haalde tienduizend koperen cents uit de omloop, trok ze uit de stroom van uitwisseling en gebruik, en documenteerde elk exemplaar afzonderlijk via gedetailleerde fotografie (voor- en keerzijde, beter bekend als kop en munt). De munten werden vervolgens samen omgesmolten tot één koperen blok van een gewicht van achtenzestig pond. Op dat moment verdwijnen de individuele eenheden volledig in een ongedifferentieerde massa. De gewone rol van de penny in het verkeer, haar functie als afzonderlijke waardeeenheid die kan circuleren en zich met andere eenheden kan combineren, komt tot een definitief einde. Maar het blok zelf blijft in meerdere vormen bestaan. Het werd omgezet in een gedetailleerd driedimensionaal digitaal model en vastgelegd als één massieve inscriptie die de volledige Bitcoin-block #839969 vult. Deze digitale versie werd vervolgens in 2024 bij Christie’s verkocht en trad zo een nieuw systeem van waarde en circulatie binnen, waarbij het zich verplaatste van materieel object naar digitaal record naar verzamelbaar kunstwerk in de hedendaagse kunstmarkt.

De documentatie beweegt zich intussen in de omgekeerde richting van deze consolidatie. Terwijl de fysieke munten condenseren tot één enkel, verenigd object en hun bestaan als afzonderlijke, telbare eenheden verliezen, blijft elke individuele cent leesbaar als een afzonderlijk record. De foto’s blijven gescheiden en geïndividualiseerd, elk beeld krijgt via inscriptie op individuele satoshi’s een vaste en permanente positie binnen het geheel toegewezen. Wat op het niveau van de materiële vorm volledig verdwijnt – je kunt deze specifieke tienduizend pennies niet meer in je hand houden, ze niet meer sorteren of rangschikken of terug in omloop brengen – blijft op het niveau van het archief perfect intact. Je kunt nog steeds naar de foto van elke specifieke munt kijken, nog steeds de bijzondere slijtagepatronen, oppervlaktesporen en kleine imperfecties bestuderen die haar onderscheidden van de negenduizend negenhonderd negenennegentig andere.

Deze structuur stelt *CENTS* in staat om verschillende, potentieel tegenstrijdige ideeën in spanning te houden over waar waarde zich bevindt en hoe die wordt vastgesteld en in stand gehouden. Er is waarde zoals gedefinieerd door de overheid: de staat verklaart dat deze munt één cent waard is, en die verklaring heeft juridische kracht. Er is waarde zoals die geregistreerd ligt in de materiële samenstelling: het kopergehalte kan in feite meer dan één cent waard zijn wanneer het wordt berekend op basis van grondstofprijzen. En er is waarde die ontstaat door behoud en documentatie: de beslissing om elke munt afzonderlijk te fotograferen, om de leesbaarheid van het archief in de tijd te waarborgen, om deze massaproducten te behandelen als objecten die langdurige aandacht verdienen. Deze verschillende registers van waarde blijven binnen het werk onderscheiden; ze vallen niet samen tot één eenduidige betekenis en lossen niet op in een of andere synthese.

Wanneer we *CENTS* naast *We Buy White Albums* plaatsen en ze beschouwen als onderdeel van een consequente praktijk, wordt de onderliggende logica duidelijk. Objecten die ontworpen en vervaardigd zijn voor perfecte uitwisselbaarheid, om functioneel identiek en onderling vervangbaar te zijn, worden leesbaar als enkelvoudig en individueel zodra hun circulatie wordt onderbroken en stilgezet, zodra hun specifieke geschiedenissen zichtbaar worden gemaakt door zorgvuldige documentatie en systematische archivering.

Het is hier de moeite waard om op te merken – omdat het van belang is om te begrijpen hoe het werk blijft functioneren na Changs dood – dat CENTS tot stand is gekomen in samenwerking met Sovrn Art, een onafhankelijk, kunstenaarsgericht platform dat het aanvankelijke kader en de ondersteuning voor de ontwikkeling van het project heeft geleverd. Nadat de volledige inscriptie van het werk op Bitcoin was voltooid, vormde zich een raad die volledig onafhankelijk van Chang zelf ontstond, zonder zijn organisatie of toezicht. Deze raad bestaat uit verzamelaars die er, om hun eigen redenen, voor kozen de verantwoordelijkheid op zich te nemen voor de voortzetting en interpretatie van het werk. De leden van de raad komen uit verschillende generaties en beroepsvelden en brengen uiteenlopende vormen van expertise en perspectief mee in hun betrokkenheid bij het archief. Hun werk heeft zich consequent gericht op het zichtbaar en leesbaar houden van de onderscheidingen binnen het archief – via nauwkeurige lezing van de documentatie, via zorgvuldige catalogisering van variaties en patronen, via teksten die het materiaal vanuit meerdere invalshoeken benaderen en verschillende soorten vragen stellen. Hun betrokkenheid concentreert zich in het bijzonder op de vraag hoe dit archief op de lange termijn leesbaar en betekenisvol kan blijven, hoe de precisie en zorgvuldigheid van de registratie behouden kan blijven terwijl deze blijft circuleren binnen systemen en contexten die Chang zelf niet had kunnen voorzien.

Archief als praktijk

Het is gemakkelijk om Rutherford obsessief te noemen. De jarenlange, volgehouden aandacht, de toewijding aan volledigheid en grondigheid, de bereidheid om enorme hoeveelheden tijd en moeite te steken in projecten die zijn opgebouwd rond bewust smalle randvoorwaarden. Het woord is niet onjuist. En toch mist het nog steeds iets essentieels aan de dimensie van wat Chang in werkelijkheid deed met zijn tijd en aandacht. Hij benaderde massacultuur en industriële productie met een soort geduld dat zeldzaam is in de hedendaagse kunst. Hij maakte zeldzaamheid en uniciteit zichtbaar in juist die dingen die wij hebben leren negeren of afdoen als generiek en inwisselbaar. Hij luisterde aandachtig naar wat je het rumoer binnen vertrouwde symbolen en objecten zou kunnen noemen – de kleine variaties en opgehoopte sporen die circulatie en gebruik achterlaten op oppervlakken die er juist op zijn ontworpen zulke sporen af te weren en in de tijd stabiel te blijven.

Deze aandacht voor wat zich ophoopt in de kieren en marges van systemen die op uniformiteit zijn gericht, helpt te verklaren waarom Hundreds and Thousands zo effectief werkt als titel voor deze retrospectieve. Op één niveau benoemt het eenvoudigweg de schaal waarop Chang gewoonlijk werkte: hij verzamelde niet tientallen maar honderden, niet honderden maar duizenden voorbeelden. Maar het benoemt ook iets fundamentelers. Een discipline, een bepaald soort methodische praktijk die vereist dat je zo lang en zo aandachtig kijkt dat verschil begint op te lichten binnen wat zich aanvankelijk aandient als gelijkheid. Die praktijk keert, met opmerkelijke consistentie over verschillende projecten en materialen heen, steeds terug naar wat circulatie achterlaat: de sporen en restanten die zich ophopen, zelfs op objecten die bedoeld zijn om stabiel en onveranderd te blijven.

Changs werk kan in veel opzichten worden gelezen als een volgehouden praktijk van hoede en zorg. Hij bewaarde objecten, haalde ze uit de circulatie of verzamelde ze aan de randen daarvan. Hij indexeerde en ordende ze in systemen die hun individuele geschiedenissen opnieuw zichtbaar en leesbaar maakten. En vervolgens, cruciaal, bracht hij ze in gewijzigde vorm terug in omloop: als archieven die openstaan voor onderzoek, als tentoonstellingen die uitnodigden tot directe confrontatie, als permanente registraties, vastgelegd op Bitcoin. Via dit proces bouwde hij situaties en structuren waarin circulatie zelf zichtbaar wordt als proces, waarin waarde concreet en meetbaar wordt. Het archief is in zijn werk steeds de plek waar deze transformatie plaatsvindt – de plaats en de methode waardoor individuele objecten leesbaar worden als onderdelen van grotere systemen en patronen.

De retrospectieve brengt Changs methode in één kader bijeen en verenigt projecten uit verschillende momenten in zijn carrière om de onderliggende consistentie van zijn benadering over uiteenlopende materialen en contexten heen te laten zien. Wat overblijft is de structuur die hij heeft gebouwd, de archieven die hij met zoveel zorg heeft samengesteld, de vragen die hij hardnekkig weigerde voortijdig te beantwoorden of af te sluiten. De belofte van gelijkheid blijft mislukken. Verschil blijft opduiken in de kieren en variaties. De sporen blijven zichtbaar voor iedereen die bereid is nauwkeurig genoeg, en geduldig genoeg, te kijken om ze daadwerkelijk te zien.

Dit is een gastbijdrage van Steven Reiss. De hier verwoorde meningen zijn volledig die van de auteur en weerspiegelen niet noodzakelijkerwijs die van BTC Inc of Bitcoin Magazine.

De week in Bitcoin: Week 6

Samenvatting: een historische week

Dit was één van de meest ingrijpende weken in de geschiedenis van Bitcoin. De koers zakte donderdag onder de €60.000 — het laagste niveau sinds november 2024 — en wist daarmee alle winst sinds de verkiezing van Donald Trump uit.

MetricWaarde
Dieptepunt€51,050 (vrijdag 6 feb)
Hoogtepunt~€66,660 (dinsdag 4 feb)
Weekverlies-16%
Daling vanaf ATH-44% (van €104,000 in oktober 2025)

Omdat er al genoeg hetzelfde nieuws bericht wordt, stelt Bitcoin Magazine Nederland vanaf nu iedere week een overzicht op van lokaal en nationaal Europees Bitcoin-nieuws dat niet of weinig de landsgrenzen passeert – maar toch belangrijk (of vermakelijk) is.

🇩🇪 Duitsland: Die Linke eist afschaffing belastingvrije ‘Haltefrist’

BTC-Echo | 1 februari 2026

De Duitse partij Die Linke pleit voor afschaffing van de huidige regel waarbij crypto-winsten na een houdperiode van één jaar belastingvrij kunnen zijn.

In het interview stelt Christian Görke (financieel woordvoerder) dat ”Bitcoin geen toekomst heeft”.

Bij een hoorzitting in de Bundestag over de implementatie van DAC8 riep professor Co-Pierre Georg (Frankfurt School of Finance), als deskundige voorgedragen door Die Linke, op om te stoppen met Duitslands ‘Sonderweg’ in de crypto-belasting. De regerende CDU verzet zich tegen de wijziging en verwacht onvoldoende politieke steun.

🔗 BTC-Echo

🇫🇷 Frankrijk: 11 personen gearresteerd na gewelddadige crypto-ontvoering in Eaubonne

Journal du Coin | 3 februari 2026

Elf personen zijn gearresteerd na een gewelddadige ontvoering van een man in Eaubonne (Val-d’Oise). Het slachtoffer werd gemarteld.

De zaak komt op een groeiende lijst van crypto-gerelateerde geweldsmisdrijven in Frankrijk, die autoriteiten deels linken aan datalekken bij crypto-dienstverleners — inclusief een lopend onderzoek naar Frans crypto-belastingplatform Waltio.

🔗 Journal du Coin

🇪🇸 Spanje: CNMV-Rapport toont Bitcoin correlatie met traditionele markten

El Español | 5 februari 2026

De Spaanse financiële toezichthouder CNMV publiceerde een analyse waaruit blijkt dat bitcoin ”volwassener” is geworden en minder als een losstaand activum of veilige haven functioneert. Het rapport wijst op een lage correlatie met goud (0,12) en een gemiddelde correlatie met de S&P 500 van 0,29 (met een piek rond 0,6 in september 2022).

De gemiddelde volatiliteit sinds 2017 wordt op 56,3% gezet. Van vrijdag tot donderdag daalde bitcoin volgens het artikel 8,5% en noteerde rond 67.650 dollar.

🔗 El Español

🇵🇱 Polen: BTCS tekent strategische Bitcoin Layer-2 liquiditeitsovereenkomst

Bankier.pl | 4 februari 2026

Het Poolse cryptobedrijf BTCS S.A. (beursgenoteerd op NewConnect) kondigde een strategische overeenkomst aan die 50 tot 100 bitcoin aan liquiditeit moet toevoegen aan het Bitcoin Layer-2-ecosysteem. Het bedrijf ontwikkelt DeFi-infrastructuur

BTCS rondde recent een financieringsronde af van bijna 27 miljoen zloty (circa 6,3 miljoen euro) om de activiteiten uit te breiden.

🔗 Bankier.pl

🇨🇿 Tsjechië: “Nep-bankier” houdt man 8 uur aan de lijn, steelt €33,000

iDNES.cz | 5 februari 2026

Een 37-jarige man uit de regio Havlíčkův Brod is door “nepbankiers” opgelicht met een verhaal over een oude bitcoin-investering die zogenaamd was gegroeid tot 400.000 kroon (€16,500). Hij werd overtuigd om een app te installeren “voor een veilige overdracht” en later om in Chotěboř zijn telefoon aan een “collega” te geven, waarna hij een vervangtoestel kreeg en bleef doorbellen met de oplichter. Zijn vrouw vond het verdacht, controleerde de rekening en blokkeerde die.

De daders hadden hem met korte pauzes meer dan acht uur aan de lijn gehouden en wisten bijna 800.000 kroon buit te maken, vooral via geldopnames in Praag.

🔗 iDNES.cz

🇧🇬 Bulgarije: Toezichthouder waarschuwt voor ‘diefstal van cryptobedrijven’ via Handelsregister

Forbes Bulgaria / Varna24 | 3 februari 2026

De Bulgaarse Financiële Toezichtscommissie (KFN) waarschuwt voor een praktijk waarbij criminelen zichzelf met vervalste documenten als bestuurder laten inschrijven in het Handelsregister, zonder dat de echte eigenaren daarvan op de hoogte zijn.

Bedrijven worden opgeroepen hun registratiegegevens regelmatig te controleren.

🔗 Varna24

🇬🇷 Griekenland: Belastingdienst start digitale controles op crypto-transacties

Ta Nea | 5 februari 2026

De Griekse belastingdienst AADE publiceerde nieuwe richtlijnen voor monitoring en controle van e-commerce- en crypto-activiteiten.

Het bijgewerkte handboek standaardiseert auditprocedures voor transacties via digitale platformen en cryptomarkten, met nadruk op niet-aangegeven inkomsten en btw-afwijkingen.

Grote bedrijven (omzet boven 1 miljoen euro) moeten vanaf 2 februari 2026 voldoen; overige partijen vanaf 1 oktober 2026. AADE plant 72.800 audits in 2026 en mikt op 2,5 miljard euro extra inkomsten, onder meer met AI en big data.

🔗 Ta Nea

🇪🇺 Ontwikkelingen rond EU-regels en toezicht

DAC8 in werking – Europese Commissie escaleert handhaving

Effectief 1 januari 2026

Het Europese rapportageregime voor crypto-assets (DAC8) is op 1 januari 2026 in werking getreden. Cryptoplatforms moeten data gaan verzamelen vanaf 1 januari 2026; de eerste gegevensuitwisselingen zijn verschuldigd per 30 september 2027. De Commissie stuurt formele aanmaningsbrieven naar lidstaten die de richtlijn nog niet volledig hebben omgezet.

🔗 Europese Commissie

Lagarde presenteert ‘checklist’ over digitale euro en hervormingen op 12 februari

MarketScreener / Reuters

ECB-president Christine Lagarde zal op 12 februari bij een retreat van EU-leiders een hervormingschecklist presenteren.

Daarin staan onder meer wetgeving rond de digitale euro, getokeniseerd wholesale centralebankgeld, maatregelen voor een spaar- en investeringsunie en verdieping van de interne markt.

Een stemming in het Europees Parlement over wetgeving rond de digitale-euro wordt in de eerste helft van 2026 verwacht; een mogelijke eerste uitgifte wordt genoemd voor 2029.

🔗 MarketScreener

ESMA pleit voor uniform toezicht op crypto in de EU

ESMA

ESMA-voorzitter Verena Ross zegt dat de Europese Commissie werkt aan plannen om toezicht op digitale activa, beurzen en clearinghuizen meer te centraliseren bij ESMA, in plaats van bij nationale toezichthouders. Het doel is een beter geïntegreerde en concurrerendere Europese kapitaalmarkt.

🔗 ESMA Speeches

Rapport samengesteld 6 februari 2026

Bronnen:

Oprichter Bitcoin Amsterdam: in 100 dagen naar Europa’s grootste Bitcoin-event

Jaarlijks komen in onze hoofdstad toonaangevende namen uit de Nederlandse en internationale Bitcoin-gemeenschap samen. Wat begon als een ambitieus idee, groeide in slechts honderd dagen uit tot het grootste Bitcoin-event van Europa. We spraken oprichter Sebastiaan van Erne over het ontstaan van Bitcoin Amsterdam en het geheim achter het succes.

Persfoto Sebastiaan van Erne

Europese epicentrum van Bitcoin

Bitcoin Amsterdam brengt ontwikkelaars, ondernemers, investeerders, vermogensbeheerders, analisten, beleidsmakers, journalisten en nieuwsgierige nieuwkomers samen om te praten over Bitcoin en zijn toekomst. Het evenement is in korte tijd uitgegroeid tot een vaste ontmoetingsplek voor de Europese Bitcoin-gemeenschap.

Afgelopen november vond alweer de vierde editie plaats. Daar kwamen ongeveer 5.000 bezoekers op af. Verspreid over twee dagen betraden meer dan 150 sprekers het podium, waarmee Bitcoin Amsterdam zijn status als meest invloedrijke Bitcoin-evenement van Europa verder verstevigde.

De kiem voor het evenement werd eind 2021 gelegd, gewoon aan de keukentafel. Oprichter Sebastiaan van Erne, al zo’n vijftien jaar actief in de evenementenbranche, zag van dichtbij hoe internationale crypto-events werden georganiseerd en merkte dat het beter kon. 

Zijn vriendin reisde voor haar werk de wereld rond langs conferenties en kwam telkens teleurgesteld terug. “Elke keer zei ze dat er eigenlijk niks aan was,” vertelt Van Erne. “Na de derde keer dacht ik: hier moet ik wat mee.”

Om scherp te krijgen waar het misging, stapte hij zelf in het vliegtuig naar Bitcoin Miami, het grootste Bitcoin-event ter wereld. Hij begreep waarom het zoveel bezoekers trok, maar met zijn ervaring in festivals en grote evenementen wist hij ook direct hoe het beter kon. 

Met een hoofd vol ideeën zocht Van Erne contact met BTC Inc. Uiteindelijk wist hij oprichter David Bailey te spreken in Zürich, waar zij samen het plan vormden om duizenden Bitcoiners samen te brengen in Amsterdam. 

Alles lag al klaar. Slechts honderd dagen later vond de eerste editie plaats. Die werd meteen een succes en zette Bitcoin Amsterdam direct op de kaart als het grootste Bitcoin-evenement van Europa.

Een industriële setting

De eerste edities van Bitcoin Amsterdam vonden plaats in de Westergas, een voormalig gasfabriekterrein in Amsterdam-West. De industriële uitstraling van de locatie sloot volgens oprichter Sebastiaan van Erne naadloos aan bij het karakter van het evenement.

”Je gaat Bitcoin Amsterdam nooit in een clean conferencelocatie vinden. Dat vind ik veel meer voor een finance-conferentie.”

Van Erne komt uit de festivalwereld en stuurt sterk op beleving. Zorgen dat wat er wordt gezegd ook overkomt. Een bijzonder platform geven aan sprekers die er toe doen. “Ik zit heel erg op experience waarin we kijken naar een cohesie van allerlei onderdelen (zoals stages / booths / aankleding / looproutes / community area’s / meetings spaces) en dit goed met elkaar verbinden die de conferentie tot een geheel maken” legt hij uit.

”Ik geloof er heel erg in dat experience bijdraagt aan het connecten van Bitcoiners onderling. Dat je echt binnenkomt en denkt: wow.” 

De Westergas bood die vrijheid en maakte het mogelijk om Bitcoin Amsterdam vanaf de start uit te groeien tot een leading tech conferentie.

Het evenement groeide stevig, zowel in bezoekersaantallen als in programma. ”Maar je had daar gewoon verschillende gebouwen. Dat blijft altijd lastig.”

De verhuizing naar een nieuwe industriële locatie was daarom onvermijdelijk, al riep die stap initieel weerstand op. ”Ik heb daar ook best wel hard voor moeten knokken,” zegt Van Erne. De editie van vorig jaar vond plaats in de SugarFactory. Het bleek een schot in de roos.

De nieuwe omgeving maakt het bovendien makkelijker om het festivalachtige karakter vast te houden. En een belangrijk voordeel is dat alles zich onder één dak afspeelt.

De voormalige suikerfabriek net buiten Amsterdam is nog veel minder afgewerkt. Grote open hallen, ruw beton, staal, zichtbare constructies en een bijna onaf karakter geven de locatie een rauwere uitstraling. Dat sluit nóg beter aan bij een technologie die ooit begon als alternatief voor het traditionele financiële systeem. 

Strategische overname Bitcoin Amsterdam

Vorig jaar kwam het nieuws naar buiten dat Treasury, een Nederlands bedrijf dat zich richt op het opbouwen van een Bitcoin-reserve,  het Bitcoin-evenement heeft verworven. Van Erne noemt het een ‘’strategische overname’’.

Volgens Van Erne draait de stap vooral om wederzijdse versterking. Treasury krijgt toegang tot het grote bereik van Bitcoin Amsterdam, terwijl het event profiteert van de internationale slagkracht en netwerken van Treasury.

”Die connecties maken het makkelijker om prominente sprekers en partners naar Amsterdam te halen en de positie van de stad als Bitcoin-hub te verstevigen.

Vorig jaar waren de gebroeders Winklevoss bijvoorbeeld een van de grote headliners. De wereldberoemde tweeling, bekend van cryptobeurs Gemini, deed tevens mee aan de kapitaalronde van Treasury.

Belangrijk detail is dat de dagelijkse organisatie niet uit handen is gegeven. Van Erne benadrukt dat het bestaande team gewoon is blijven zitten.

”Zij zijn goed in het bouwen van een treasury-bedrijf en in het opzetten van een beursgennoteerd bedrijf,’’ zegt hij. “En wij zijn goed in evenementen.” Juist die combinatie ziet hij als kracht. “Het moet elkaar versterken. En dat is ook het doel.”

Proof of Cultur: Groei zonder de ziel te verliezen

Tussen de eerste en de meest recente editie van Bitcoin Amsterdam zit een duidelijke ontwikkeling. De allereerste editie was sterk Amerikaans georiënteerd, met lange panels en een lager tempo. “En dan zie je dat mensen na drie kwartier op hun telefoon zitten.” 

Inmiddels is het programma strakker, met korte panels en een hoger tempo. Ook is het nu veel meer gericht op de Europese markt.

Tegelijkertijd werd het event groter, professioneler en overzichtelijker. Van Erne ziet Bitcoin Amsterdam de komende jaren doorgroeien naar 10.000 tot 15.000 bezoekers per dag, maar ook naar een bredere rol.

“Ik zou Bitcoin Amsterdam willen bewegen naar een soort kennisinstituut,” zegt hij. Een plek die kan meedenken over de toekomst van Bitcoin in Europa en feitelijk kan reageren op berichtgeving vanuit pers of politiek.

Wat daarbij niet mag verdwijnen, is de brede insteek. De institutionalisering van Bitcoin brengt steeds meer banken, vermogensbeheerders en grote partijen naar het event, maar volgens Van Erne mag dat nooit ten koste gaan van de community. 

Net zoals Bitcoin in de kern voor iedereen toegankelijk is, wil Bitcoin Amsterdam zijn deuren openhouden voor een breed publiek. Niet alleen voor en ervaren Bitcoiners en grote partijen, maar juist ook voor zogenoemde no-coiners die voor het eerst kennis willen maken met de digitale munt. Volgens Van Erne zit daarin de kracht die het evenement ook in de toekomst relevant houdt.

Bitcoin kopen via je bank? ING rolt dienst uit in Duitsland

0

ING Deutschland, een van de grootste retailbanken van Duitsland, is begonnen particuliere klanten toegang te geven tot crypto-gekoppelde exchange-traded notes (ETN’s), waardoor klanten blootstelling kunnen krijgen aan bitcoin en andere crypto rechtstreeks via hun bestaande effectenrekeningen.

‘Bijzonder laagdrempelige toegang’ tot BTC

Volgens informatie op de website van ING gaat het om fysiek gedekte beursgenoteerde instrumenten die worden uitgegeven door gevestigde vermogensbeheerders, onder wie 21Shares, Bitwise en VanEck.

De instrumenten volgen de koersontwikkeling van afzonderlijke cryptovaluta en worden verhandeld op gereguleerde beurzen via het Direct Depot‑platform van ING, dat doorgaans wordt gebruikt voor aandelen, ETF’s en beleggingsfondsen.

De bank verklaarde dat het bitcoinaanbod bedoeld is om de drempel voor cryptobeleggen te verlagen door blootstelling aan digitale activa te integreren in de vertrouwde bankinfrastructuur.

Klanten hoeven geen externe cryptobeurzen op te zetten, geen private keys te beheren en geen eigen wallets te gebruiken, omdat bewaring en uitvoering binnen het kader van de effectenrekening worden afgehandeld.

”Dit creëert nog een bijzonder laagdrempelige toegang tot cryptobeleggingen via exchange-traded products,” zei Martijn Rozemuller, CEO van VanEck Europe, in een vertaalde persverklaring. ”Veel beleggers willen een oplossing die in bestaande depotstructuren past en hen tegelijkertijd overtuigt met transparante kosten. Precies daarvoor staat dit partnerschap.”

ING merkte op dat de bitcoin- en crypto-ETN’s in Duitsland fiscaal hetzelfde worden behandeld als direct aangehouden cryptovaluta. Volgens de huidige Duitse belastingregels kunnen vermogenswinsten op cryptoactiva zijn vrijgesteld als de positie langer dan één jaar wordt aangehouden, wat de producten mogelijk aantrekkelijk maakt voor langetermijnbeleggers.

Ondanks de verruimde toegang benadrukte de bank dat de producten aanzienlijke risico’s met zich meebrengen. ING waarschuwde voor ‘extreme’ koersschommelingen, de mogelijkheid van een volledig verlies in het geval van insolventie van de uitgevende instelling, liquiditeitsrisico’s, marktmanipulatie en voortdurende regelgevende onzekerheid rond digitale activa.

In voorlichtingsmateriaal dat werd gepubliceerd rond de lancering, nam ING een opvallend voorzichtige houding aan ten aanzien van de activaklasse zelf.

‘Cryptocurrencies zijn speculatieve producten zonder intrinsieke waarde’, stelde de bank, eraan toevoegend dat cryptoprijzen ‘sterk afhankelijk zijn van psychologische effecten’ die ook invloed hebben op beursverhandelde cryptoproducten.

Sinds kort kunnen Nederlandse klanten van ING ook al op dezelfde manier blootstelling krijgen aan bitcoin via hun vertrouwde bankomgeving. En bij de Rabobank kunnen mensen zelfs Bitcoin Exchange-Traded Products (ETP’s) aanschaffen.

Duitse banken omarmen bitcoin

De grote Duitse bankengroepen werken eraan om cryptohandel onder te brengen in het gereguleerde retailbanksysteem. DZ Bank heeft MiCAR-goedkeuring gekregen en zal zijn ‘meinKrypto’-platform uitrollen bij de coöperatieve banken, waardoor klanten bitcoin en andere digitale activa rechtstreeks kunnen verhandelen en bewaren binnen de bestaande bankapps. Tegelijkertijd sluit de bank zich aan bij een consortium dat een gereguleerde euro-stablecoin ontwikkelt.

Parallel daaraan is de Sparkassen-Finanzgruppe van plan om tegen de zomer van 2026 bitcoin- en cryptohandel voor particuliere klanten te introduceren, met technische ondersteuning van DekaBank. Dat betekent een breuk met de eerdere scepsis van de groep ten opzichte van digitale activa.